wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

M&M van start blok 1

Total questions: 39

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.
Uit welke delen is de aarde opgebouwd?
a)
Kern, Aardkorst, convectiestromingen
b)
Kern, magma, aardkorst
c)
kern, aardmantel, aardkorst
d)
Aardkorst, mantel, gebergten
2.
De temperatuur in de aardkern is hoger dan in de aardkorst
a)
Juist
b)
Onjuist
3.

Juist of fout? Onder oceanen is de aardkost het dunst

a)

juist

b)

fout

4.

Aan de grens van een aardplaat komen de minste aardbevingen voor.

a)

Juist

b)

Onjuist

5.

De naald van een kompas wijst altijd naar het ...

a)

noorden

b)

oosten

c)

zuiden

d)

westen

6.

Als ik naar het noorden kijk, dan ligt het zuiden ...

a)

achter mij

b)

aan mijn rechterhand

c)

aan mijn linkerhand

7.

Als ik naar het zuiden kijk, dan ligt het … aan mijn linkerkant.

a)

noorden

b)

oosten

c)

zuiden

d)

westen

8.

De zon komt nooit in het ...

a)

noorden

b)

oosten

c)

zuiden

d)

westen

9.

Wat is een legenda?

a)

Een lijst met de betekenis van alles in de boek.

b)

Een lijst met de betekenis van alles in een atlas.

c)

Een lijst waarin je kunt vinden waar alles staat in een atlas.

10.

Waar in de atlas vindt je de legenda?

a)

In/naast de kaart

b)

Voorin de atlas

c)

Achterin de atlas

11.

Waar vind je de noordpijl als die niet op de kaart staat?

a)

Boven aan de kaart

b)

Onder aan de kaart

c)

zijkant

12.
Wat mist er op deze kaart?
a)
Legenda
b)
Noordpijl
c)
Schaal
d)
Titel
13.

Een kaart heeft een schaal van 1: 100.000. Hoeveel kilometer is dat in werkelijkheid?

a)

1 km

b)

10 km

c)

15 km

d)

100 km

14.
Waar of niet waar?
Als je een kleiner gebied wilt bekijken met meer detail, moet je inzoomen.
a)
Waar
b)
Niet waar
15.

De kringloop van water gaat overal op aarde even snel

a)

Ja

b)

Nee

16.

Waterdamp verandert in waterdruppels

a)

Condenseren

b)

Infiltratie

c)

Verdamping

17.

Waterdruppels veranderen in waterdamp

a)

Condenseren

b)

Infiltratie

c)

Verdamping

18.
Wat krijg je als waterdamp condenseert?
a)
Mist
b)
Wolken
c)
Water
d)
Ijs
19.
De korte waterkringloop is...
a)
De kringloop van de zee naar de bomen
b)
De kringloop van de zee naar bron van de rivier
c)
De kringloop van de rivier naar de bomen
d)
De kringloop boven de zee
20.

Bekijk de afbeelding. Welke kringloop is er te zien bij nummer 1

a)

Korte waterkringloop

b)

Lange waterkringloop

21.

''Rivier die naast regenwater ook smeltwater van gletsjers afvoert''

a)

Gemengde rivier

b)

Regenrivier

c)

Gletsjerrivier

22.

Wat betekent weer?

a)

Het gemiddelde weer over een periode van 30 jaar.

b)

De toestand van de atmosfeer op een bepaald moment.

c)

De temperatuur op een bepaalde plek.

d)

Alle vormen van regen en wind bij elkaar.

23.

Wat zijn de 3 belangrijkste kenmerken van weer?

a)

Neerslag, wind en water.

b)

Neerslag, water en temperatuur.

c)

Neerslag, temperatuur en wind.

d)

Temperatuur, wind en water.

24.

In welke zin staan allemaal vormen van neerslag?

a)

Regen, sneeuw, hittegolf

b)

Regen, sneeuw, hagel

c)

Hagel, sneeuw, ijskappen

d)

Regen, hagel, ijsbergen

25.

Wat betekent klimaat?

a)

Het gemiddelde weer over een periode van 10 jaar.

b)

Het gemiddelde weer over een periode van 30 jaar.

c)

Het gemiddelde weer over een periode van 50 jaar.

d)

De toestand van de atmosfeer op een bepaald moment.

26.

Wat is een gletsjer?

a)

IJsmassa in het hooggebergte die langzaam naar beneden schuift

b)

IJsmassa in het laagland die langzaam verder schuift.

c)

IJsmassa in het hooggebergte die snel naar beneden schuift.

27.

Wat is erosie?

a)

Het afschuren van stenen door water, ijs of wind

b)

Het afbrokkelen van gesteente

c)

Gletsjers die puin mee nemen

d)

De grens tussen twee stroomgebieden

28.

Afbraak van gesteente onder invloed van het weer en plantengroei

a)

Erosie

b)

Verwering

c)

Sedimentatie

d)

Gletsjer

29.

Zet in goede volgorde van klein naar groot:

a)

grind, rotsen, zand, klei

b)

rotsen, grind, zand, klei

c)

klei, zand, rotsen, grind

d)

klei, zand, grind, rotsen

30.

Welke vorm van erosie zie je op de afbeelding?

a)

Winderosie

b)

IJserosie

c)

Watererosie

d)

Erosie door zwaartekracht

31.

Sediment is......

a)

aardplaat

b)

afzettingsmateriaal

c)

zandbank

d)

rivier

32.

Afzetting van verwerings- en erosiemateriaal

a)

Erosie

b)

Verwering

c)

Sedimentatie

33.

Wat is een regenrivier?

a)

Rivier dat smeltwater van gletsjers en regenwater afvoert.

b)

Rivier die helemaal afhankelijk is van regenwater.

34.

Welk verschijnsel zie je op de foto?

a)

Sedimentatie

b)

Erosie

c)

Verwering

d)

Morenen

35.
Wat is een ander woord voor breedtecirkel is......
a)
Lengtecirkel
b)
Nulmeridiaan
c)
Evenaar
d)
Parallel
36.
Meridianen lopen van pool tot pool. Deze zin is....
a)
Juist
b)
Onjuist
37.
De evenaar is een breedtecirkel. Is deze zin juist of onjuist?
a)
Juist
b)
Onjuist
38.
Wat is de juiste volgorde van de windrichtingen?
a)
Noord-West-Zuid-Oost
b)
Noord-Oost-Zuid-West
c)
West-Zuid-Noord-Oost
d)
Noord-West-Oost-Zuid
39.
Op deze kaart kan je de ................. aflezen.
a)
Breedteligging
b)
Lengteligging