wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Theorie aanleg oefentoets periode 2

Total questions: 17

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Wat voor kenmerken heeft een kleigrond?

a)

Water vasthoudend

b)

Water niet vasthoudend

c)

Voedselarm

d)

Voedselrijk

2.

Wat voor een gazon is dit?

(a)  

3.

Wat zijn deze bakken?

a)

Zaaikorf

b)

Voederkorf

c)

Zaaibak

d)

Maanzaad

4.

Na hoeveel tijd mag je het gras voor de eerste keer maaien?

a)

3 dagen

b)

10 dagen

c)

14 dagen

d)

20 dagen

5.

Spitten lukt het beste als de grond nat/hard is

a)

Waar

b)

Niet waar

6.

Waarom bemest je een grond?

a)

Dan komen er meer voedingsstoffen in de bodem

b)

Dan komen de plantenwortels beter in de grond

c)

Dan krijgt de plant meer water

d)

Dan krijgt de plant meer zuurstof

7.

Waarom spit je een grond?

a)

Zuurstof voor wortels

b)

Waterafvoer verbeteren

c)

Ruimte wortels

d)

Allemaal goed

8.

Wat is een groenbemester?

a)

Planten als klaver

b)

Mest van de koe

c)

Met van een paard

d)

Alle drie de antwoorden

9.

Wat is het belangrijkste verschil tussen een kruidachtige en houtachtige plant? (2 goed)

a)

Houtstof

b)

Stevig door water

c)

Stevig door suikers

d)

Plantkleuren

10.

Bollen en knollen groeien altijd in het voorjaar

a)

Waar

b)

Niet waar

11.

Niet alle bomen dragen bladeren zoals loofbomen. Welke bomen hebben geen bladeren?

(a)  

12.

Hoeveel bomen worden hier geplant?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

5

13.

Wat is een wortelpruik?

a)

Een pruik voor wortels

b)

Netje wat om de wortels heen zit voor bescherming

c)

De kluit onder aan de wortels

14.

Hoe vaak moet je invegen na het leggen van bestratingstegels?

a)

Helemaal niet

b)

Twee tot drie keer

c)

1 keer

d)

10 keer

15.

Hoe noem je een natuurlijke vijver?

a)

Van

b)

Ven

c)

Bron

d)

Sloot

16.

In welke zone vindt je waterlelies?

a)

Zone 1

b)

Zone 3

c)

Zone 4

d)

Zone 6

17.

Wat is geen verschil tussen een folievijver en een voorgevormde vijver?

a)

De vorm

b)

Materiaal

c)

Bewerkbaarheid

d)

Functie