Font size
WorksheetsBio 6.1 en H7
Total questions: 25
Worksheet time: 16mins
Wanneer behoren organismen tot een bepaalde soort?
Dezelfde uiterlijke kenmerken
Informatie uit DNA-onderzoek
Vruchtbare nakomelingen
Alle drie
Welk deel van de bionominale naamgeving schrijf je met een hoofdletter?
Geslachtsnaam
Soortaanduiding
Wat is de hoogste groep in de taxonomie?
Rijken
Families
Domeinen
Klassen
Wat zijn de archaea en de bacteriën?
Eukaryoten
Prokaryoten
Darwin dacht dat organismen zich bewust aanpaste aan de omgeving tijdens zijn leven
Waar
Niet waar
Wanneer spreek je van een nieuwe soort?
Genetische variatie + selectiedruk + doorgeven van allelen +na geruime tijd
Genetische variatie + doorgeven van allelen + na geruime tijd
Doorgeven van allelen + na geruime tijd
Selectiedruk + doorgeven van allelen
Wat houd 'the survival of the fittest' in?
Invloed van de ene soort op de andere soort
De populatie met de beste aanpassingen overleefd
De populatie met de slechtste aanpassingen overleefd
Invloed van de omgeving
Bij welke kan er sprake van co-evolutie zijn?
Beide soorten hebben voordelen aan elkaar
De ene soort parasiteert op de andere soort.
De ene soort is de prooi van de andere soort.
De ene soort heeft geen voor- of nadeel aan de andere soort
Allopatrische soortvorming is evolutie door het splitsen van een populatie door een barrière
Waar
Niet waar
Het fokken van honden valt onder....
Natuurlijke selectie
Kunstmatige selectie
De vleugel van een vogel en een vlinder zijn HOMOLOGE structuren
Waar
Niet waar
De arm van een mens en de vleugel van een vleermuis zijn HOMOLOGE structuren.
Waar
Niet waar
Met welk van deze vier is de slak Trivia monacha het meest verwant?
Cleotrivia antillarum
Lymantria monacha
Monacha cantiana
Trivia arctica
Voorbeelden van rudimentaire organen zijn:
Verstandskiezen + ellepijp
Staartbeentjes + middenvoetsbeentjes
Staartbeentjes + blinde darm
Staartbeentjes + verstandskiezen
Een fossiel van een dier dat al 10 miljoen jaar leeft, nauwelijks is veranderd en alleen rond Zuid-Afrika leeft, kan als gidsfossiel worden gebruikt.
Waar
Niet waar
De Griekse filosoof Aristoteles dacht dat leven spontaan ontstond: vliegen ontstonden in vlees. Hoe heet dit?
Generatio spontanea
Spontaan ontstaan
Spontanea generatio
Hoe krijgen dieren C-isotopen binnen?
Planten nemen CO2 op via fotosynthese. De dieren eten de planten.
Ze ademen zuurstof in wat in koolstof veranderd en in hun lichaam blijft.
Ze ademen zuurstof EN koolstofdioxide in.
Organische stoffen worden door organismen EN levenlosen natuur geproduceerd.
Waar
Niet waar
Planten zijn voorbeelden van autotrofe organismen
Waar
Niet waar
Prokaryoten hebben geen celorganellen behalve een celkern
Waar
Niet waar
Aeroob en anaeroob hebben te maken met organische stoffen.
Waar
Niet waar
In een cladogram wordt het verwantschap tussen organismen zichtbaar door eenzelfde homoloog kenmerk te groeperen.
Waar
Niet waar
Wat is waar over gene flow en genetic drift?
Genetic drift is de verspreiding van allelen door migratie
Gene flow is niet toevallig en genetic drift wel
Gene flow en genetic drift is hetzelfde
Gene flow is de verspreiding van allelen door migratie
Gene flow kan ook het succes van een populatie verminderen?
Waar
Niet waar
Wat doen mutaties in genen voor de genenpool?
Er ontstaan nieuwe allelen en de genenpool breidt uit
Door mutaties wordt de genenpool kleiner
De genenpool blijft hetzelfde, alleen varieert de allelfrequentie
