wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

afweer Havo 2

Total questions: 27

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

Het coronavaccin is verplicht

a)

Waar

b)

Niet waar

2.

Wat maakt je lichaam aan om het virus te verslaan?

a)

Chromosomen

b)

Bloedcellen

c)

Antistoffen

d)

Niks

3.

Een ander woord voor vaccineren is inenten.

a)

waar

b)

niet waar

4.
Waarom krijg je een vaccin?
a)
Omdat je niet kunt wachten op je eigen afweerstoffen
b)
Om een ziekte te voorkomen
5.
Wat krijg je toegediend bij een vaccin?
a)
De dode/verzwakte ziekteverwekker
b)
Kant en klare afweerstoffen
6.
Als je niet langer gevoelig bent voor een ziekteverwekker, ben je...
a)
Beter
b)
Gezond
c)
Immuun
d)
Resistent
7.
Wat doet een witte bloedcel?
a)
O2 en CO2 vervoeren
b)
Ziekteverwekkers aanvallen
c)
Deze zijn paars
8.

Een antistof werkt op meerdere soorten ziekteverwekkers

a)

Waar

b)

Niet waar

9.

Onder 'leefstijl' word jouw manier van leven verstaan: al je gewoontes van eten, drinken, roken, werken, sporten etc.

a)

Juist

b)

Onjuist

10.

Wat zijn genotmiddelen? Er is meer dan één juist antwoord

a)

Koffie

b)

Thee

c)

Alcohol

d)

Snoep

11.

In sigaretten vind je koolmonoxide

a)

Juist

b)

Onjuist

12.

Uit hoeveel lagen bestaat je huid?

(a)  

13.

Wat is de functie van de kiemlaag?

a)

Slijten van oude cellen

b)

Huid soepel houden

c)

Nieuwe cellen maken

14.

Wat is nr. 14?

a)

Hoornlaag

b)

Kiemlaag

c)

Lederhuid

d)

Onderhuids bindweefsel

15.

Waar wordt naar gewezen met pijl nr. 2?

(a)  

16.

Als een ziekteverwekker je lichaam binnendringt, noem je dit een (a)  

17.

Bij een vaccinatie worden er verzwakte of dode ziekteverwekkers binnengebracht zodat je witte bloedcellen afweerstoffen gaan maken.

a)

Juist

b)

Onjuist

18.

Bacteriën en virussen zijn voorbeelden van ziekteverwekkers

a)

Juist

b)

Onjuist

19.

Wat is geen uitspraak die past bij een feit?

a)

Het is te controleren.

b)

Het zegt wat één persoon ervan vindt

c)

Je kunt het bewijzen

20.

Hoe noem je het als je de ziekte gehad hebt en daarna de afweer stoffen hebt en dus bij een tweede besmetting niet ziek wordt? Welk woord hort daarbij?

(a)  

21.

Hoe noem je het type bloedcel dat witte bloedcellen omsluit en onschadelijk maakt?

a)

antistof

b)

antigeen

c)

bloedcel die antistoffen maakt

d)

vreetcellen

22.

Wat is de juiste volgorde?


1: Witte bloedcellen die antistof maken gaan zich snel delen . Er komen veel antistoffen in het bloed.

2. Ziekteverwekker komt in je lichaam

3. Vreetcellen sluiten gekoppelde ziekteverwekkers in en verteren ze.

4. Witte bloedcel type 2 maken passende antistoffen

5. Antistoffen koppelen ziekteverwekkers aan elkaar.

a)

3 - 5 - 4 - 1 - 3

b)

2 - 4 - 5 - 1 - 3

c)

2 - 4 - 1 - 5 - 3

d)

2 - 1 - 4 - 3 - 5

23.

Hoe noem je de cellen die ervoor zorgen dat je immuun bent?

a)

immuuncellen

b)

vreetcellen

c)

rode bloedcellen

d)

geheugencellen

24.

Het is winter en je wordt verkouden van een vervelend virus. Na twee weken herstel je. Er is hier sprake van ....

a)

actieve natuurlijke immuniteit

b)

actieve kunstmatige immuniteit

c)

passieve natuurlijke immuniteit

d)

passieve kunstmatige immuniteit

25.

Je bent wandelen in de jungle van Laos. Daar word je gebeten door een slang. Je krijgt hier een serum tegen ingespoten. Dit is een prik met antistoffen tegen de beet. Er is hier sprake van ....

a)

actieve natuurlijke immuniteit

b)

actieve kunstmatige immuniteit

c)

passieve natuurlijke immuniteit

d)

passieve kunstmatige immuniteit

26.

Als je zo'n 3 maanden bent krijg je je eerste vaccinatie. Je krijgt een dode ziekteverwekker ingespoten, waardoor je immuniteit opbouwt. Van welke vorm van het verkrijgen van immuniteit is hier sprake?

a)

actieve natuurlijke immuniteit

b)

actieve kunstmatige immuniteit

c)

passieve natuurlijke immuniteit

d)

passieve kunstmatige immuniteit

27.

De eiwitten aan de buitenkant van cellen, waaraan de witte bloedcel kan zien of de cellen lichaamseigen, of lichaamsvreemd zijn noem je ...

(a)