wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

werkwoordsvormen

Total questions: 10

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Ik heb gisteren veel gegamed. Wat is gegamed in deze zin?

a)

een persoonsvorm

b)

een voltooid deelwoord

c)

een infinitief

2.

Maak de zin compleet. "Ik heb gisteren veel ... ." (inf = leren)

(a)  

3.

Ga zitten! Neem een pen. Schrijf op. Geef af. Wat zijn dit voor werkwoordsvormen?

a)

persoonsvormen

b)

imperatieven

c)

voltooid deelwoorden

d)

infinitieven

4.

Wat is het voltooid deelwoord van lachen?

(a)  

5.

Geef de infinitief van het werkwoord in de zin. Ik voetbal elk weekend.

a)

voetbalde

b)

gevoetbald

c)

voetballen

d)

voetbal

6.

Wat is het? "Hij heeft me de hele avond proberen te telefoneren."

a)

PV

b)

INF

c)

VD

d)

IMP

7.

Mijn moeder zegt altijd: "Ruim je kamer op!" Wat is ruim op in deze zin?

a)

VD

b)

IMP

c)

PV

d)

INF

8.

Doe wat ik zeg, anders... Wat is doe wat ik zeg in deze zin?

a)

IMP

b)

VD

c)

INF

d)

PV

9.

De lerares doet soms een beetje gek. Wat is doet in deze zin?

a)

VD

b)

PV

c)

INF

d)

IMP

10.

Mijn hond is altijd al mijn beste vriend geweest. Wat is geweest in deze zin?

a)

IMP

b)

VD

c)

PV

d)

INF