WorksheetsErfelijkheid
Total questions: 37
Worksheet time: 16mins
Onderdelen in een organisme zijn: celkern, DNA, chromosoom, gen en cel. Zet deze organismen in de goede volgorde, het kleinste eerst, het grootste als laatste.
DNA - Gen - Cel - Chromosoom - Celkern
Gen - DNA - Chromosoom - Celkern - Cel
Gen - Chromosoom - DNA - Celkern - Cel
Chromosoom - DNA - Celkern - Gen - Cel
Waar in je lichaam komen genen voor?
Niet in geslachtscellen en niet in lichaamscellen
Alleen in geslachtscellen
Alleen in lichaamscellen
In alle lichaamscellen en geslachtscellen
Waar zijn genen van gemaakt?
Ze zijn gemaakt van chromatiden
Ze zijn gemaakt van chromosomen
Ze zijn gemaakt van DNA
Waarom zijn genen belangrijk?
Genen bevatten informatie over je erfelijke eigenschappen.
Genen zorgen ervoor dat alle processen in de cel goed verlopen.
Genen bepalen hoe je eruit ziet.
Een vrouw heeft
XX chromosomen
XY chromosomen
YY chromosomen
Dit plaatje is een voorbeeld van verandering in
Genotype
Fenotype
Dna
Milieu
Je genotype ontstaat bij de bevruchting van een eicel door een zaadcel
waar
niet waar
Je genotype kun je veranderen
waar
niet waar
Hoeveel chromosomen zitten er in een lichaamscel van de mens?
23
46
32
64
In een eicel zit erfelijk materiaal van vader en moeder
waar
niet waar
Als je een bruin kleurtje hebt gekregen van de zon, dan is je ............veranderd.
fenotype
genotype
Waardoor ontstaat het fenotype?
genotype
invloeden uit het milieu
geen van beiden
zowel genotype als invloeden vanuit het milieu
Bij het zetten van een tattoo verander je het fenotype
waar
niet waar
Een celkern bevat de complete informatie voor alle erfelijke eigenschappen.
Juist
Onjuist
Jasper, Silke en Noah bekijken vaste preparaten van spiercellen en zenuwcellen. Het valt hen op dat de cellen er erg verschillend uit zien. Jasper zegt dat dit komt doordat spiercellen en zenuwcellen verschillende genen hebben. Noah zegt dat dit komt doordat bij spiercellen andere genen actief zijn dan bij zenuwcellen. Silke zegt dat het verschillende weefsels zijn met een nadere functie.
Noah en Jasper hebben gelijk.
Silke en Jasper hebben gelijk.
Noah en Silke hebben gelijk.
Noah, Silke en Jasper hebben gelijk.
Bepaalde delen van het DNA van een mens bevatten informatie over de stoffen die de kleur van de ogen bepalen. Waar bevindt zich dit DNA in een cel?
Celwand
Celkern
Cytoplasma
Celmembraan
In het DNA vormen de basen A, C, G en T vaste paren. Welke paren zijn dat?
A en G, C en T
A en C, G en T
A en T, C en G
Wat is DNA?
Een afkorting van de naam van de stof waaruit chromosomen zijn opgebouwd.
Een erfelijke eigenschap van de mens.
DNA is je uiterlijk.
Wat is een gen?
Een stukje van het DNA dat zorgt voor een specifieke erfelijke eigenschap.
DNA
Het membraan van de celkern.
Een langgerekte dunne draad die voornamelijk bestaat uit DNA.
Wat zijn chromosomen?
Langgerekte draden die grotendeels uit DNA bestaan.
DNA
Stukjes van het DNA met een specifieke eigenschap.
Waar is dit een foto van ?
Chromosomen
zaadcellen
eicellen
DNA
Wat ontstaat er bij de deling van een moedercel?
een kindercel
een dochtercel
een zooncel
een nakomelingcel
In de eicellen van de vrouw komen allemaal dezelfde genotype voor.
waar
niet waar
In de zaadcellen van de man zitten allemaal verschillende genotype.
waar
niet waar
Bij een mutatie zijn een of meerdere genen veranderd of gemuteerd
waar
niet waar
Albinos komen alleen bij dieren voor.
waar
niet waar
Waardoor ontstaat de bleke, witte kleur van een albino?
ze hebben een witte stof in hun bloed
ze kunnen geen pigment aanmaken waardoor ze bleek,wit zijn
ze hebben een speciale witte laag op hun huid
Stoffen in sigarettenrook en asbest horen bij mutagene invloeden
waar
niet waar
Het samensmelten van een eicel met een zaadcel noemen we ongeslachtelijke voortplanting.
waar
niet waar
Welke bewering over de jonge planten is juist?
Een gen is
alle erfelijke eigenschappen
1 erfelijke eigenschap
al het DNA
Een vrouw heeft
XX chromosomen
XY chromosomen
YY chromosomen
Iedere eigenschap staat ... keer in het DNA
1
2
3
4
Verandert bij celdeling de informatie voor erfelijke eigenschappen?
ja
nee
Wanneer komt het genotype van een baby tot stand?
bij de vorming van de eicel
bij de bevruchting
bij de geboorte
