Font size
WorksheetsNando 2 - Quiz Paasvakantie (M0-M9)
Total questions: 38
Worksheet time: 45secs
Bepaal x:
2x−15=8x+15
x = -5
x = 5
x = 3
x = 0
Bepaal y:
−(−8y+20)=−3⋅(−7y−10)
y = 13−50
y = 13−10
y = 2950
y = 2910
−2x2+5x −20 − (−2x2+5x−20)=
−4x2
0
−4x2 + 10x − 40
−4x4 + 10x2 − 40
14a+22a=
(a)
(2a+1)⋅(a2−4a)=
2a3−7a2−4a
2a3−9a2−4a
−9a6
2a3+9a2+4a
(a+9)(a−9)=
a2−18a+81
a2−81
a2+81
a2+18a−81
(a+9)2=
a2−18a+81
a2−81
a2+81
a2+18a+81
Duid ALLE merkwaardige producten aan...
(a+b)2
(a+b)(a−b)
(2xy−8)(−8−2xy)
(3a2+7)2
(−3x+17)(−5x−20)
A
B
C
D
E
A
B
C
D
E
A
B
C
D
E
sM(K)= ....
M
I
J
N
P
tAM(C)= ....
M
I
J
N
P
sFG(E)= ....
M
I
J
N
P
In de eenterm -2ab is -2 de coëfficiënt of het (a)
In de eenterm -2ab is ab het (a)
Bereken de getalwaarde:
−k2−k
Voor k = -4
(a)
Noteer de omtrek van de vlakke figuur met een veelterm.
(a)
Schrijf de oppervlakte van deze rechthoek als een veelterm.
15x2+10
15x+10
8x+7
15x2+10x
Het complement van een hoek van 44° is ...
(a)
Complementair of supplementair?
α=70° en β = 20°
Complementair
Supplementair
Complementair of supplementair?
α=130° en β = 50°
Complementair
Supplementair
(5x2)−2=
425x2
225x
−25x24
−425x2
(−xy2)2 =
x2y4
−x2y4
−2xy2
x2y4−1
Schrijf in decimale schrijfwijze:
7,2⋅106=
(a)
Het dubbel van een getal verminderd met 17 geeft 125.
Duid de correcte vergelijking aan.
2x−17=125
17−2x=125
x:2−17=125
125−2x=17
Dertig bij mijn leeftijd optellen is hetzelfde als zes minder dan het dubbel van mijn leeftijd.
Geef de juiste vergelijking EN het juiste antwoord.
y+30=2y−6
30y=12y−6
y+30=2y+6
Ik ben 36 jaar oud.
Ik ben 25 jaar oud.
Duid de juiste uitspraken aan.
25=820
5 en 8 zijn de uiterste termen.
2 is de tweede term.
20 is de tweede term.
5 en 8 zijn de middelste termen.
6b=128
b = ?
(a)
Bepaal de middelevenredigen tussen 3 en 27.
Geef alle juiste antwoorden.
-9
9
3
27
-3
Het aantal uur dat een arbeider werkt is ... met het loon dat hij ontvangt.
Recht evenredig
Omgekeerd evenredig
Geen van beide
Jouw leeftijd is ... met jouw schoenmaat.
Recht evenredig
Omgekeerd evenredig
Geen van beide
De oppervlakte van een cirkel is ... met de straal.
Recht evenredig
Omgekeerd evenredig
Geen van beide
De oppervlakte van een rechthoek is ... met de lengte gesteld dat de breedte steeds constant blijft.
Recht evenredig
Omgekeerd evenredig
Geen van beide
Het aantal drankjes dat je kunt kopen voor 10 euro is ... met de prijs van het drankje.
Recht evenredig
Omgekeerd evenredig
Geen van beide
Recht evenredig
Omgekeerd evenredig
Geen van beide
Recht evenredig
Omgekeerd evenredig
Geen van beide
Recht evenredig
Omgekeerd evenredig
Geen van beide
