wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

claudia niv 3

Total questions: 10

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

Hoeveel zelfstandige naamwoorden komen voor in deze zin?

Boris Johnson verloor verschillende stemmingen.

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

2.

Welke woorden zijn zelfstandige naamwoorden?

Hij toonde een kaart met het traject van de orkaan.

a)

hij

een

traject

b)

kaart

traject

orkaan

c)

met

het

orkaan

3.

Welk woord is het bijvoeglijk naanwoord?

Ik word al misselijk als ik ernaar kijk.

a)

word

b)

misselijk

c)

kijk

d)

ernaar

4.

Hoeveel bijvoeglijke naamwoorden staan in deze zin?

Amsterdammers klagen veel over de grote aantallen buitenlandse toeristen.

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

5.

Hoeveel persoonlijke voornaamwoorden staan in deze zin?

Daarvoor hoef je je niet te schamen.

a)

4

b)

3

c)

2

d)

41

6.

Welke woorden zijn persoonlijke voornaamwoorden?

Ik heb u uw potlood toch al teruggeven?

a)

ik

heb

b)

uw

potlood

c)

u

uw

d)

ik

u

7.

Hoeveel bezittelijke voornaamwoorden zijn er in de onderste zin?

We zijn gisteren met je broer naar zijn nieuwe woning wezen kijken.

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

8.

Welk woord is het bezittelijk voornaamwoord in de zin?

Zijn broers verwennen haar te veel.

a)

zijn

b)

broers

c)

haar

d)

verwennen

9.

Welk woord is het aanwijzend voornaamwoord in de zin?

Dat lieve meisje is erg vrolijk.

a)

dat

b)

lieve

c)

meisje

d)

vrolijk

10.

Hoeveel aanwijzende voornaamwoorden komen voor in deze zin?

Ik ga Sproetenliefde lezen, Maren Stoffels is de schrijfster van dat boek.

a)

4

b)

3

c)

2

d)

1