Worksheetszinsvolgorde
Total questions: 10
Worksheet time: 8mins
Goed of fout?
Sasha wil naar de winkel morgen gaan.
goed
fout
Verbeter de zin... (maak de zin correct)
Sasha wil naar de winkel morgen gaan.
Maak een correcte zin met de woorden.
ik/willen/naar Amsterdam/zaterdag/gaan
(a)
Welke zin is goed?
Nikita moet morgen voetbalt.
Illia wil zaterdag niet sporten.
Pasha gaat slapen zondag.
Rostik hebt geen boek in zijn tas.
Vul de juiste vorm in.
Dina (a) heel mooi schrijven. (kunnen)
Geef antwoord op de vraag. Gebruik de woorden in de juiste volgorde en de juiste vorm!
Wanneer moet je trainen?
trainen/moeten/ik/overmorgen
Zet de woorden in de juiste volgorde in de juiste vorm.
een wedstrijd/moeten/spelen/Kira
Zet de woorden in de juiste volgorde in de juiste vorm. Let op het vraagteken.
lezen/Olena/een boek/??
Schrijf de vraag:
waar/oversteken/ik/kan/?
Bij het zebrapad!
Zet de woorden in de juiste volgorde in de juiste vorm. Let op de punt (.)
gaan/Vlad/boodschappen doen/in de AH/op zaterdag/.
