wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Herhalings Quizziz H1, Paragraaf 2 t/m 6

Total questions: 27

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Een schimmel heeft een celkern.

a)

Waar

b)

Niet waar

2.

Een dierlijke cel heeft een celwand.

a)

Waar

b)

Niet waar

3.

Reptielen zijn warmbloedig.

a)

Waar

b)

Niet waar

4.

Bij sommige schimmelsoorten spelen paddenstoelen een rol bij de voortplanting.

a)

Waar

b)

Niet waar

5.

Vissen hebben een huid met schubben.

a)

Waar

b)

Niet waar

6.

Welke van de volgende vier is geen rijk?

a)

Bacteriën

b)

Planten

c)

Gewervelden

d)

Dieren

7.

Op welke manier planten schimmels zich voort?

a)

Door middel van stuifmeelkorrels

b)

Met behulp van insecten

c)

Door middel van zaden

d)

Door middel van sporen

8.

Kijk naar de afbeelding. Welke van de vier rijken plant zich zo voort zoals op de afbeelding ?

a)

Schimmels

b)

Bacteriën

c)

Planten

d)

Dieren

9.

Wat is geen functie van het skelet?

a)

Zorgt voor stevigheid

b)

Zorgt voor beweging

c)

Zorgt voor celgroei

d)

Zorgt voor bescherming

10.

Welke van de twee planten die je hier ziet planten zich voort met zaden?

a)

De spar

b)

De varen

11.

Welke organismen worden bij de bereiding van alcohol gebruikt?

a)

Schimmelcellen

b)

Dierlijke cellen

c)

Organistische cellen

d)

Bacteriën

12.

Welke van de volgende organismen is niet meercellig?

a)

Schimmels

b)

Planten

c)

Dieren

d)

Bacteriën

13.

Waar kan je ALLEEN de cel van een plant aan herkennen?

a)

Aan de celkern

b)

Aan de bladgroenkorrels

c)

Aan de celwand

d)

Aan het celmembraan

14.

Wat doen de bladgroenkorrels van een plant?

a)

Hiermee zorgt de plant ervoor dat er water in het blad komt

b)

Hiermee maakt de plant zijn eigen voedsel

c)

Hiermee kan de plant dingen waarnemen.

15.

Waarmee haalt een volwassen kikker adem?

a)

Alleen met de longen

b)

Alleen met kieuwen

c)

Met de huid en de longen

d)

Met de huid en de kieuwen

16.

Welke van de volgende vier is GEEN klasse van de gewervelden?

a)

Zoogdieren

b)

Weekdieren

c)

Vissen

d)

Vogels

17.

Welke cel onderdelen hebben planten en dieren met elkaar gemeen?

a)

Het celmembraan

b)

De celwand

c)

De bladgroenkorrels

18.

Welke klasse bestaat uit koudbloedige dieren?

a)

Alleen vissen

b)

Alleen amfibieën

c)

Vissen en amfibieën

d)

Vissen, amfibieën en reptielen

19.

Bij welke klasse is er spraken van levendbarende jongen?

a)

Bij vogels

b)

Bij vissen

c)

Bij reptielen

d)

Bij zoogdieren

20.

Welke van de volgende eigenschappen hoort niet bij amfibieën?

a)

Leggen eieren met kalkschaal

b)

De huid is slijmerig

c)

Ze zijn koudbloedig

d)

Ze hebben longen

21.

Als er 4 bacteriën zijn die zich elke 30 minuten delen, hoeveel zijn er dan na 1 uur?

a)

8

b)

16

c)

32

d)

64

22.

Wat vinden bacteriën NIET fijn als ze snel willen groeien?

a)

Vochtigheid

b)

Warme temperatuur

c)

Koude temperatuur

d)

Voedsel

23.

Hoeveel levensverschijnselen zijn er?

a)

5

b)

7

c)

8

d)

4

e)

10

24.

Bekijk de afbeelding. Is wat je op de afbeelding ziet; levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

25.

Bekijk de afbeelding. Is wat je op de afbeelding ziet; levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

26.

Welke organismen worden toegevoegd bij het maken van yoghurt of zuurkool?

a)

Dieren

b)

Planten

c)

Schimmels

d)

Bacteriën

27.

Hoe noemen we dieren waarbij de lichaamstemperatuur gelijk is aan de

temperatuur van de omgeving?

a)

Warmbloedig

b)

Koudbloedig