Font size
WorksheetsVerbanden en signaalwoorden lj3
Total questions: 65
Worksheet time: 33mins
een tegenstelling
een oorzaak / gevolg
een opsomming
een voorbeeld
opsomming
een tegenstelling
een voorbeeld
een oorzaak-gevolg
een oorzaak / gevolg
een opsomming
een voorbeeld
een oorzaak-gevolg
een tegenstelling
een voorbeeld
een oorzaak-gevolg
een opsomming
een oorzaak / gevolg
een tegenstelling
een voorbeeld
een opsomming
een opsomming
een oorzaak / gevolg
een voorbeeld
een tegenstelling
een conclusie
een opsomming
een oorzaak-gevolg
een tegenstelling
een oorzaak / gevolg
een tegenstelling
een voorbeeld
een opsomming
een voorbeeld
een tegenstelling
een opsomming
Oorzaak en gevolg
voordat
desondanks
bovendien
daarentegen
slechts één
twee stuks
drie stuks
vier stuks
een tegenstelling
een oorzaak-gevolg
een opsomming
een voorbeeld
daardoor / indien / kortom / zodoende
indien / kortom / wegens / want
daardoor / zodat / wegens / zodoende
zodat / kortom / want / zodoende
zin 1
zin 2
zin 3
zin 4
een opsomming
een tegenstelling
een voorbeeld
een oorzaak-gevolg
zin 1
zin 2
zin 3
zin 4
een oorzaak / gevolg
een tegenstelling
een opsomming
een voorbeeld
een voorbeeld
een oorzaak / gevolg
een tegenstelling
een vergelijking
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
ten slotte
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
toch
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
ten eerste
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
ook
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
maar
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
en
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
verder
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
echter
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
tegenover
Opsomming
Tegenstelling
Bij welk verband hoort het volgende signaalwoord:
tegenover
Opsomming
Tegenstelling
Welk woord is in de volgende zin het signaalwoord?
Wat zij doen is volgens haar geen demonstreren, maar kansloos slopen van eigendommen van de politie of ondernemers.
(a)
Welk verband herken je in de volgende zin?
Wat zij doen is volgens haar geen demonstreren, maar kansloos slopen van eigendommen van de politie of ondernemers.
Opsomming
Tegenstelling
Welk verband herken je in de volgende zin?
Volgens een aanwezige fotojournalist hebben ook winkelruiten en etalages het moeten ontgelden.
Opsomming
Tegenstelling
Wat is het signaalwoord in de volgende zinnen?
Jamal Ben Saddik heeft na het epische gevecht van met Rico Verhoeven zijn excuses aangeboden aan Rico. Maar niet voor de enorme klap die hij Verhoeven gaf.
(a)
Welk verband zie je in de volgende zin?
Jamal Ben Saddik heeft na het epische gevecht van met Rico Verhoeven zijn excuses aangeboden aan Rico. Maar niet voor de enorme klap die hij Verhoeven gaf.
Opsomming
Tegenstelling
Welk signaalwoord herken je in de volgende zin?
Max Verstappen mag na zijn negende seizoenszege dan 19 punten voorstaan op rivaal Lewis Hamilton, echter aan de wereldtitel wil hij nog voorlopig niet denken.
(a)
Welk verband herken je in de volgende zin?
Max Verstappen mag na zijn negende seizoenszege dan 19 punten voorstaan op rivaal Lewis Hamilton, aan de wereldtitel wil hij nog voorlopig niet denken.
Opsomming
Tegenstelling
Welk signaalwoord zie je in de volgende zin?
Mercedes was ook dit weekeinde weer bijzonder sterk en met name in de kwalificatie.
(a)
Welk verband herken je in de volgende zin?
Mercedes was ook dit weekeinde weer bijzonder sterk en met name in de kwalificatie.
Opsomming
Tegenstelling
Welk verband herken je hier?
Gisteren wilde ik naar Basic Fit, maar ik kon uiteindelijk niet.
opsomming
tegenstelling
oorzaak-gevolg
voorwaarde
Welk verband herken je hier?
Zij kwam kleddernat binnen, doordat het zo hard regende.
tegenstelling
tijdsvolgorde
oorzaak-gevolg
opsomming
Welke verband herken je hier?
Ik houd van voetbal, van tennis en ook van basketbal.
opsomming
tegenstelling
tijdsvolgorde
oorzaak-gevolg
Welk verband herken je hier?
Allereerst ging hij douchen, daarna droogde hij zich af en vervolgens kleedde hij zich aan.
opsomming
oorzaak-gevolg
tegenstelling
tijdsvolgorde
Welk verband herken je hier?
Anne houdt van tekenen, zoals manga, stripverhalen en andere comics.
oorzaak-gevolg
voorbeeld
opsomming
tegenstelling
Welk verband herken je hier?
Anne wil alleen maar tekenen als ze goede fineliners heeft.
tegenstelling
opsomming
oorzaak-gevolg
voorbeeld
Wat is het signaalwoord bij het verband 'voorbeeld'?
maar
ook
toch
bijvoorbeeld
Wat is het signaalwoord bij het verband 'oorzaak-gevolg'?
ook
de oorzaak hiervan...
en
vervolgens
Wat is het signaalwoord bij het verband 'tegenstelling'?
ook
zoals
toch
allereerst
Welk signaalwoord staat in deze zin?
Eerst wilde hij naar de film met zijn broer, ...
eerst
hij
met
zijn
Welk signaalwoord staat in deze zin?
Hij kreeg kramp in zijn onderkaak, vervolgens spuugde hij zijn kauwgom maar uit.
kreeg
vervolgens
zijn
maar
Welk signaalwoord staat in deze zin?
Gerard zat op ballet, tafeltennis, hockey en atletiek.
Gerard
zat
op
en
1. Mijn band is lek
2. Ik moet lopen
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1. Ik heb goed geleerd voor het proefwerk
2. Ik haal een mooi cijfer
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1. Ik vraag verkering
2. Ik ben verliefd
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1. Ik vier een feest
2. Ik ben jarig
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1. Ik trek een warme jas aan
2. Buiten vriest het
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1. Ik fiets zonder achterlicht
2. De politie houdt mij aan
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1. Nomaden trekken verder
2. Het voedsel is op
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1. Jagers eten het meeste vlees rauw op
2. Vlees bederft snel
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1. Nomaden trekken rond
2. Nomaden hebben weinig bezit
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
1 is de oorzaak en 2 is het gevolg
2 is de oorzaak en 1 is het gevolg
