wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Stijlfiguren v3

Total questions: 28

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Ik heb wel een eeuw op je gewacht.

a)

hyperbool

b)

eufemisme

c)

understatement

d)

metafoor

2.

De demonstratie liep een beetje uit de hand: er werden 90 mensen opgepakt.

a)

hyperbool

b)

eufemisme

c)

understatement

d)

personificatie

3.

Zij lachte zich dood.

a)

hyperbool

b)

eufemisme

c)

understatement

d)

personificatie

4.

Oma heeft haar laatste adem uitgeblazen.

a)

hyperbool

b)

eufemisme

c)

understatement

d)

personificatie

5.

Negen van de tien keer heeft de trein vertraging.

a)

hyperbool

b)

eufemisme

c)

understatement

d)

metafoor

6.

Tekenen is niet je grootste talent.

a)

hyperbool

b)

eufemisme

c)

understatement

d)

vergelijking

7.

Die bal in de kruising was een aardig doelpunt.

a)

hyperbool

b)

eufemisme

c)

understatement

d)

vergelijking

8.
"U ziet, het is een aardig optrekje," zei de gids die ons rondleidde door het voormalige paleis.
a)
hyperbool
b)
understatement
c)
eufemisme
9.
Het was er om te sterven van de kou.
a)
hyperbool
b)
understatement
c)
eufemisme
10.
We waren onaangenaam getroffen door de mededeling dat zij gingen scheiden.
a)
hyperbool
b)
understatement
c)
eufemisme
11.
"Volgens mij heb je dit jaar nog geen seconde in je leerboeken gekeken," zei de leraar natuurkunde verwijtend.
a)
hyperbool
b)
understatement
c)
eufemisme
12.

Dat is leuk gedaan, heel leuk.

a)

antithese

b)

paradox

c)

herhaling

d)

parallellisme

13.

a)

Litotes

b)

Eufemisme

c)

Understatement

d)

Hyperbool

14.

a)

Litotes

b)

Eufemisme

c)

Understatement

d)

Hyperbool

15.

a)

Enumeratio

b)

Climax

c)

Drieslag

d)

Omgekeerde climax

16.

In het begin brulde hij het uit, maar na vijf minuten huilde alleen nog maar hij om vervolgens na een kwartiertje zo af en toe nog wat na te snikken.

a)

Repetitio

b)

Drieslag

c)

Climax

d)

Omegkeerde climax

17.

Regen, regen niets dan regen

a)

Repetitio

b)

Enumeratio

c)

Drieslag

d)

Climax

18.
Dat was niet bepaald een succes.
a)
tegenstelling
b)
litotes
c)
prolepsis
19.
De veestapel van boer Jansen werd geruimd.
a)
eufemisme
b)
understatement
c)
litotes
20.
Dat zullen we echt, echt goed oplossen.
a)
repetitio
b)
enumeratie
c)
tautologie
d)
antithese
21.

Een stijlfiguur gebruik je om?

a)

de tekst makkelijker te maken

b)

de tekst aantrekkelijker te maken

22.

Een drieslag is een opsomming van drie woorden, zinnen of zinsdelen. Het is een effectieve manier om je boodschap extra krachtig en overtuigend te maken.

a)

onjuist

b)

juist

23.

Hij dacht een auto te hebben gewonnen, maar het was zelfs geen fiets. Zijn prijs was een zakradiootje.

a)

climax

b)

herhaling

c)

omgekeerde climax

d)

tegenstelling

24.

Er worden minstens 3 drie zaken achter elkaar op genoemd. Voorbeeld: 'We kopen wijn, kaas en brood, smeerleverworst en zure zult .

a)

drieslag

b)

herhaling

c)

opsomming

25.

Vanavond nog lichte, morgen matige en na het weekend strenge vorst.

a)

repetitio

b)

opsomming in drieën

c)

climax

d)

omgekeerde climax

26.

Nu wil ik geen gezeur meer: je bord leegeten, de spullen in de vaatwasser en dan als de gesmeerde bliksem aan je huiswerk.

a)

enumeratio

b)

drieslag

c)

opsomming in drieën

d)

climax

27.

Met bloed, zweet en tranen heeft zij haar diploma gehaald.

a)

climax

b)

omgekeerde climax

c)

drieslag

d)

enumeratio

28.

Het vlees, de organen, de botten, de huid, de hoorns, echt alles van het rundvee wordt verwerkt.

a)

repetitio

b)

climax

c)

enumeratio

d)

drieslag