wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Voorbeeld vragen CSI

Total questions: 29

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Welk enzym zit er in speeksel?

(a)  

2.

Geef een voorbeeld van menselijke biologische sporen.

(a)  

3.

Als je zetmeel op een stof spuit met een speekselvlek, gevolgd door jodium dan:

a)

Wordt de speekselvlek paars en de rest geel.

b)

Wordt de speekselvlek geel en de rest paars.

c)

Wordt alles paars

d)

Wordt alles geel

4.

Amylase zit ook in:

a)

Zweet

b)

Bloed

c)

Urine

d)

Lymfevocht

5.

Welk biologisch spoor is hier onder de microscoop te zien?

(a)  

6.

In welke van deze cel onderdelen bevindt zich het DNA?

a)

Celmembraan

b)

Celkern

c)

Cytoplasma

d)

Kernmembraan

7.

Dit karyogram is van een:

a)

Man

b)

Vrouw

c)

Man met het syndroom van down

d)

Vrouw met het syndroom van down

8.

Deze karyogram is van een:

a)

Man

b)

Vrouw

c)

Man met het syndroom van down

d)

Vrouw met het syndroom van down

9.

Hoe heet onderdeel a?

a)

Linker long

b)

Rechter long

10.

Hoe heet onderdeel b?

(a)  

11.

Hoe heet onderdeel d?

(a)  

12.

Hoe heet onderdeel h?

(a)  

13.

Hoe heet onderdeel e?

(a)  

14.

Hoe heet onderdeel f?

(a)  

15.

Hoe heet onderdeel g?

(a)  

16.

Aan welk onderdeel van het hart zit de aorta vast?

a)

Linker boezem

b)

Linker kamer

c)

Rechter boezem

d)

Rechter kamer

17.

Aan welk onderdeel van het hart zit de holle ader vast?

a)

Linker boezem

b)

Linker kamer

c)

Rechter boezem

d)

Rechter kamer

18.

Aan welk onderdeel van het hart zit de longader vast?

a)

Linker boezem

b)

Linker kamer

c)

Rechter boezem

d)

Rechter kamer

19.

Aan welk onderdeel van het hart zit de longslagader vast?

a)

Linker boezem

b)

Linker kamer

c)

Rechter boezem

d)

Rechter kamer

20.

Wat is geen functie van de lever?

a)

Afbraak van bepaalde stoffen

b)

Gal maken, opslaan en afgeven

c)

Giftige stoffen uit het bloed halen

d)

Voedselbrij kneden en verplaatsen

21.

In welk onderdeel van de longen wordt het zuurstof opgenomen?

a)

Bronchiën

b)

Longblaasjes

c)

Luchtpijp

d)

Neusholte

22.

Welke bloedgroep heeft zowel bloedfactor A als bloedfactor B?

a)

A

b)

B

c)

AB

d)

0

23.

Waar bevindt zich de bloedfactoren?

a)

Op de rode bloedcellen

b)

Op de witte bloedcellen

c)

In het bloedplasma

d)

In het lymfevocht

24.

Welke bloedgroep heeft geen bloedfactor?

a)

A

b)

B

c)

AB

d)

0

25.

Er is maar weinig DNA nodig om een DNA profiel te maken.

a)

Juist

b)

Onjuist

26.

Kun je haar gebruiken voor een DNA profiel?

a)

Ja altijd

b)

Nee nooit

c)

Alleen als het haarzakje erbij zit

27.

Noem een cel onderdeel dat zowel in plantaardige als in dierlijke cellen voorkomt.

(a)  

28.

Noem een cel onderdeel dat plantaardige cellen hebben en dierlijke cellen niet.

(a)  

29.

Spoor 10 (de laatste) is het gevonden DNA op het plaats delict. Wie is de dader?

a)

Spoor 1

b)

Spoor 2

c)

Spoor 3

d)

Spoor 4