wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Werkwoordstijden in een pv

Total questions: 11

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Welke zin is correct in een pv?

a)

Ik heb gezien dat de buurman over de schutting probeerde te klimmen.

b)

Ik zag dat de buurman over de schutting probeerde te klimmen.

c)

Ik heb gezien dat de buurman op de schutting klom.

d)

Ik zag dat de buurman op de schutting klom.

2.

Welke zinnen staan in de ovt?

a)

Ik heb gezien dat de buurman over de schutting probeerde te klimmen.

b)

Ik zag dat de buurman over de schutting probeerde te klimmen.

c)

Ik heb gezien dat de buurman op de schutting klom.

d)

Ik zag dat de buurman op de schutting klom.

3.

Welke zin is correct in een pv?

a)

Ik zag dat de man de jongen wilde slaan.

b)

Ik zag dat de man de jongen probeerde te slaan.

c)

Ik zag dat de man de jongen sloeg.

d)

Ik zag dat de man de jongen heeft geslagen.

4.

Wat is een kenmerk van de voltooide tijd?

a)

Er is geen persoonsvorm

b)

Er is geen voltooid deelwoord

c)

Er is een onvoltooid deelwoord

d)

Er is een voltooid deelwoord

5.

Om het voltooid deelwoord te maken, kijk je ook naar 't kofschip.

a)

Waar

b)

Niet waar

6.

Je gebruikt zo veel mogelijk de voltooide tijd in je pv.

a)

Waar

b)

Niet waar

7.

Welke tijden kun je tegenkomen in een pv?

a)

OVT

b)

OTT

c)

VTT

d)

VVT

8.

Wanneer gebruik je de OTT in je pv?

a)

Voor het signalement

b)

Voor het vaste decor

c)

Voor het veranderlijk decor

d)

Aan het begin en eind van je verhaal

9.

Wanneer kun je de VTT gebruiken in je pv?

a)

Voor het signalement

b)

Voor het vaste decor

c)

Voor het veranderlijk decor

d)

Aan het begin en eind van je verhaal

10.

Welke tijd gebruik je het meest in je pv?

a)

OVT

b)

OTT

c)

VTT

d)

VVT

11.

Geef de OVT enkelvoud van 'maken'.

(a)