Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Oefenexamen door elkaar

Total questions: 44

Worksheet time: 44mins

Name
Class
Date
1.

het rode pad is ....

a)

de straat

b)

het voetpad, het trottoir

c)

het fietspad

d)

de autoweg

2.

waar zie je HAAIENTANDEN

a)
b)
c)
d)
3.

waar zie je een SPOORWEGOVERGANG?

a)
b)
c)
d)
4.

waar zie je een ZEBRA (voetgangersoversteekplaats)?

a)
b)
c)
d)
5.

op welke foto's zie je een BESTUURDER?

a)
b)
c)
d)
6.

wat voor bord zie je hier?

a)

hier is

b)

je mag niet

c)

je moet

d)

let op

7.

wat voor bord zie je hier?

a)

hier is

b)

je mag niet

c)

je moet

d)

let op

8.

Als je dit bord ziet, moet je......

a)

geen voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent wel verplicht te stoppen.

b)

voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent niet verplicht te stoppen.

c)

voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent verplicht te stoppen.

9.

Dit bord betekent...

a)

dat we op een fiets- en bromfietspad rijden.

b)

dat fietsers hier niet mogen rijden en

bromfietsers wel.

c)

dat hier het einde van het fietspad is.

10.

Dit bord wil zeggen...

a)

dat ik vanaf hier als weggebruiker geen voorrang meer heb op de volgende kruispunten.

b)

dat ik aan een spoorwegovergang kom.

c)

dat ik aan het volgende kruispunt voorrang heb op alle voertuigen.

11.

Als je dit bord ziet, moet je......

a)

geen voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent wel verplicht te stoppen.

b)

voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent niet verplicht te stoppen.

c)

voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent verplicht te stoppen.

12.

Wat betekent dit bord?

a)

U rijdt op een voorrangsweg.

U heeft geen voorrang.

b)

U rijdt op een voorrangsweg.

U hebt voorrang

c)

U rijdt niet op een voorrangsweg.

U hebt geen voorrang

13.

Wat betekent dit bord?

a)

Niemand mag deze straat inrijden.

b)

Ik mag deze straat niet inrijden. Er kunnen wel voertuigen uit deze straat komen.

c)

Auto's mogen deze straat niet in. Fietsers en bromfietsers klasse A wel

14.
Welk soort bord is dit? 
a)
Gevaarsbord
b)
Verbodsbord
c)
Gebodsbord
d)
Voorrangsbord
15.

Welk voertuig zie je hier?

a)

de auto

b)

de bus

c)

de tram

d)

de trein

16.

Welk voertuig zie je hier?

a)

de motor

b)

de fiets

c)

de step

d)

de auto

17.

Welke borden zijn voorrangs-borden

a)
b)
c)
d)
e)
18.

Hier mag ik ..

a)

fietsen

b)

niet fietsen

c)

lopen

19.

Nu

a)

mag ik doorrijden

b)

moet ik ALTIJD stoppen

c)

stop ik als dat veilig kan

20.

ik stop.

klik op het juiste licht.

a)
b)
c)
21.

ik blijf staan.

klik op het juiste licht.

a)
b)
22.

Deze quiz vond ik ..

a)

Moeilijk

b)

Makkelijk

c)

Leuk

23.

Als je dit bord ziet, moet je......

a)

geen voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent wel verplicht te stoppen.

b)

voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent niet verplicht te stoppen.

c)

voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent verplicht te stoppen.

24.

Geel verkeerslicht.

a)

Als u kunt moet u stoppen voor de stoplijn.

b)

U moet stoppen voor de stoplijn.

c)

u mag snel doorrijden.

25.

Moet hier voetpad gebruiken.

Kies het juiste verkeersbord.

a)
b)
c)
26.
a)

Moet hier lopen.

b)

Mag hier niet lopen.

c)

Mag hier lopen

27.

Verkeersborden kunnen we verdelen in ..... categorieen naar hun ... en .....

a)

5, vorm en kleur

b)

4, vorm en kleur

c)

5, vorm en grootte

28.

op welke foto's zie je een BESTUURDER? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk!

a)
b)
c)
d)
29.

Wie WACHTEN op de deze foto? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.

a)

voetgangers

b)

auto's

c)

bestuurders

d)

politie

30.

waar fietsen of lopen ze ACHTER ELKAAR

a)
b)
c)
31.

Waar zie je een ROTONDE? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.

a)
b)
c)
d)
32.

waar zie je een KRUISPUNT

a)
b)
c)
d)
33.

de voetgangers lopen op ........

a)

de straat

b)

de stoep, het trottoir

c)

het fietspad

d)

de weg

34.

het rode pad is ....

a)

de straat

b)

het voetpad, het trottoir

c)

het fietspad

d)

de autoweg

35.

waar zie je HAAIENTANDEN

a)
b)
c)
d)
36.

waar zie je een SPOORWEGOVERGANG?

a)
b)
c)
d)
37.

waar zie je een ZEBRA (voetgangersoversteekplaats)?

a)
b)
c)
d)
38.

Wat zie je hier?

a)

het voetpad

b)

het fietspad

c)

het zebrapad

d)

de straat

39.

Als je dit bord ziet, moet je......

a)

geen voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent wel verplicht te stoppen.

b)

voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent niet verplicht te stoppen.

c)

voorrang geven aan al het verkeer op de andere weg.

Je bent verplicht te stoppen.

40.

Dit bord betekent...

a)

dat we op een fiets- en bromfietspad rijden.

b)

dat fietsers hier niet mogen rijden en

bromfietsers wel.

c)

dat hier het einde van het fietspad is.

41.
Weet jij de juiste volgorde van voorrang? 
a)
1 - 3 - 2
b)
3 - 2 - 1
c)
1 - 2 - 3
d)
3 - 1 - 2
42.
Welke auto mag eerst doorrijden? 
a)
1
b)
2
c)
3
d)
Eerst auto 2, dan auto 3. 
43.
Weet jij de juiste volgorde van voorrang? 
a)
1 - 2 - 3
b)
2 - 3 - 1
c)
3 - 2 - 1
d)
2 - 3 - 1
44.

Wat betekent dit bord?

a)

U rijdt op een voorrangsweg.

U heeft geen voorrang.

b)

U rijdt op een voorrangsweg.

U hebt voorrang

c)

U rijdt niet op een voorrangsweg.

U hebt geen voorrang