wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Quiz man en vrouw

Total questions: 16

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Teken een zaadcel.

2.

In de bijballen worden de zaadcellen tijdelijk opgeslagen.

a)

Juist

b)

Onjuist

3.

De prostaat voegt samen met de zaadblaasjesvocht toe aan de zaadcellen.

a)

Juist

b)

Onjuist

4.

Iris had op 3 maart haar eerste dag van de menstruatie. Op welke dag zal haar eerstevolgende eisprong vermoedelijk zijn?

a)

14 maart

b)

16 maart

c)

31 maart

d)

24 maart

5.

Wordt het slijmvlies van de baarmoeder tijdens de menstruatie dikker?

a)

Ja

b)

Nee

6.

Wanneer is een vrouw het meest vruchtbaar?

a)

Vlak na de menstruatie

b)

Vlak voor de menstruatie

c)

Vlak na de eisprong

d)

Vlak voor de eisprong

7.

Hoeveel dagen duurt een menstruatiecyclus ongeveer?

a)

10

b)

14

c)

28

d)

35

8.

Bij een vrouw komt gemiddeld maar één follikel per twee weken tot volledige rijping.

a)

Juist

b)

Onjuist

9.
Op welke dag vindt op de afbeelding de eisprong plaats? 
a)
21 April
b)
22 April
c)
23 April 
d)
24 April 
10.

Welke geslachtscellen kunnen zelf bewegen?

a)

Zaadcellen

b)

Eicellen

11.

Welke geslachtscellen zijn het grootst?

a)

Zaadcellen

b)

Eicellen

12.

Welke geslachtscellen bevatten veel reservevoedsel?

a)

Zaadcellen

b)

Eicellen

13.

Van welke geslachtscellen worden de meeste gevormd?

a)

Zaadcellen

b)

Eicellen

14.

De menstruatie van een vrouw is een cyclus. Wat betekent dit?

a)

Dat het een keer gebeurd.

b)

Dat het steeds opnieuw gebeurd.

c)

Dat het normaal is.

d)

Dat het onregelmatig gebeurd.

15.

Wat is de ovulatie?

a)

Menstruatie

b)

Eisprong

c)

Eilancering

d)

Bevruchting

16.

Is de balzak een primaire of secundaire geslachtskenmerk?

a)

Primaire

b)

Secundaire