wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Valse vrienden in het strafrecht

Total questions: 19

Worksheet time: 4mins

Name
Class
Date
1.

Kun je de termen „czyn karalny” en „czyn zabroniony” gebruiken als synoniemen?

a)

Ja

b)

Nee

2.

Wordt de term „czyn niedozwolony” gebruikt in het strafrecht?

a)

Ja

b)

Nee

3.

Is een wanbedrijf een misdrijf in het Belgische strafrecht?

a)

Ja

b)

Nee

4.

Is een overtreding een misdrijf in het Nederlandse strafrecht?

a)

Ja

b)

Nee

5.

Czy występek jest przestępstwem w polskim prawie karnym?

a)

Tak

b)

Nie

6.

Als je medeplichtig bent, ben je dan een medepleger van het strafbaar feit?

a)

Ja

b)

Nee

7.

„Minderjarige” in strafrechtelijke context vertalen we als:

a)

Małoletni

b)

Nieletni

c)

Niepełnoletni

8.

De term „areszt” heeft in het Pools niet de betekenis van:

a)

huis van bewaring/arrest

b)

uitspraak van de rechtbank in hogere instantie

c)

mogelijke straf bij een overtreding

9.

Kun je de termen „osoba podejrzana” en „podejrzany” als synoniemen beschouwen?

a)

Ja

b)

Nee

10.

De misdadiger die voor het Hof van Assissen in België verschijnt is

a)

Beklaagde

b)

Beschuldigde

11.

Śledztwo prowadzi

a)

Policja

b)

Prokurator

12.

De rechter-commissaris heeft een functie in het strafrechtelijke procedure

a)

In Nederland

b)

In België

13.

Volgens Europese terminologische aanbevelingen en woordenlijstengebruiken we bij voorkeur de term:

a)

Procureur

b)

Officier van Justitie

c)

Openbaar aanklager

14.

Het equivalent van de Poolse term „akt oskarżenia” in Nederland is:

a)

Akte van inbeschuldigingstelling

b)

Tenlastenlegging

c)

Inverdenkingstelling

15.

„Posiedzenie niejawne” vertalen we als:

a)

Zitting achter gesloten deuren

b)

Gesloten zitting

c)

Zitting in raadkamer

16.

Oskarżony składa

a)

zeznania

b)

wyjaśnienia

17.

„Kara pozbawienia wolności” vertalen we niet als

a)

Vrijheidsstraf

b)

Vrijheidsbeperkende straf

c)

Maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid

d)

Vrijheidsbenemende straf

18.

Welke term hoort niet thuis in het strafrecht?

a)

Poszkodowany

b)

Pokrzywdzony

c)

Ofiara

19.

Wat is de correcte vertaling van proeftijd of probatie?

a)

Okres próby

b)

Okres próbny