Font size
WorksheetsQ1 Stijlperfect 1F
Total questions: 20
Worksheet time: 20mins
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
bot (betekenis: platvis)
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
T-shirt
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
begrip
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
evenaar
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
brood
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
wandmeubel
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
hagelslag
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: dit of die
vriespunt
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
kopie
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
doel
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dit
zadel
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dit
winterjas
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dit
dosis
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
afvoer
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
maal
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
gezin
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dat
handel
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dit
kanaal
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dit
zeil
(a)
Noteer het juiste verwijswoord bij het volgende zelfstandige naamwoord …
kies uit: die of dit
academie
(a)
