wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Bvj Havo 1 basisstof 1, 2, 3 planten en dieren thema 1

Total questions: 37

Worksheet time: 57mins

Name
Class
Date
1.

De zon is een organisme

a)

juist

b)

onjuist

2.

Ontwikkeling is het veranderen van bouw, vorm en leefwijzen van organismen

a)

juist

b)

onjuist

3.

Wat is de naam van deel 7?

a)

De navel

b)

De zaadhuid

c)

Het poortje

d)

De zaadlob

4.

Wat is de functie van onderdeel 6

a)

opslaan van reservevoedsel

b)

Opnemen van water

c)

Beschermen van het zaad

d)

Hiermee zat het zaad aan de moederplant

5.

Welk onderdeel heeft de volgende functie:

Het opnemen van water

a)

De navel

b)

Het poortje

c)

De zaadlab

d)

De kiem

6.

Een koper standbeeld op een plein is..

a)

levenloos

b)

dood

c)

levend

7.

Wat betekent het woord Biologie

a)

De leer van dieren

b)

De leer van het leven

c)

Het vak van het leven

d)

Planten en dieren

8.

Kruis alleen levenskenmerken aan

a)

Ademhalen

b)

Huilen

c)

Voeden

d)

Waarnemen

e)

Lopen

9.

Mensen, dieren en planten zijn ...

(a)  

10.

Wat is een ander woord voor gedaanteverwisseling?

4 lines
11.

Een omgevallen boom is...

a)

Dood

b)

Levend

c)

Levenloos

12.

Wat is groeien?

a)

Het langer en zwaarder worden van een organisme

b)

Het zwaarder worden van een organisme

c)

Het groter en zwaarder worden van een organisme

d)

Het langer en breder worden van een organisme

13.

wat is de functie van de zaadhuid?

a)

Water opnemen

b)

Beschermen van het zaad

c)

Helpt de zaad bij het kiemen

d)

Het heeft geen functie

14.

Veranderingen in de bouw van een organisme noemen we

a)

Groeien

b)

Aanpassen

c)

Ontwikkeling

d)

Ziekte

15.

De eerste levensfase van een koolwitje is de larve

a)

Juist

b)

Onjuist

16.

De rups van een vlinder in zijn beschermend omhulsel noem je een...

a)

Cocon

b)

Pop

17.

Stoffen die nodig zijn voor de groei en ontwikkeling van je lichaam noemen we

a)

Voedingsstoffen

b)

Vitamines

c)

Mineralen

18.

Welke levensverschijnselen vertoont een plant?

a)

Voeden

b)

Groeien

c)

Voortplanten

d)

Uitscheiden

19.

Water is .....

a)

levenloos

b)

dood

c)

levend

20.

Het groter en zwaarder worden van een organisme noemen we

a)

ontwikkeling

b)

groeien

c)

metamorfose

d)

ontkiemen

21.

Via het (a)   gaat water het zaadje in, daardoor kan de kiem in het zaadje gaan kiemen.

22.

Verandering in de bouw (uiterlijk) van een organisme heet .............

a)

groei

b)

ontwikkeling

c)

uitscheiding

d)

waarnemen

23.

In de derde fase van de levenscyclus van een vlinder (pop) maakt de larve een omhulsel om zichzelf. Dit omhulsel heet (a)  

24.

Een volwassen kikker haalt adem door

a)

longen

b)

de huid

c)

inwendige kieuwen

d)

uitwendige kieuwen

25.

Welke twee levenskenmerken hebben te maken met "reageren op de omgeving"?

a)

ademhalen

b)

voeden

c)

uitscheiden

d)

waarnemen

e)

bewegen

26.

Wat is de juiste volgorde in de levenscyclus van een koolwitje?

a)

ei - pop - larve - imago

b)

ei - imago - pop - larve

c)

ei - larve -pop - imago

d)

imago - ei - pop - larve

27.

- Appelmoes in een pot is

a)

levenloos

b)

dood

c)

levend

28.
Deze houten tafel is.....
a)
Levend
b)
Levenloos
c)
dood
d)
geen van de genoemde 3
29.
Iets wat  geleefd heeft ,noemen we .....
a)
levend
b)
levenloos
c)
dood
d)
bewegend
30.

Welke levensverschijnselen vertoont een plant?

a)

Voeden

b)

Groeien

c)

Voortplanten

d)

Uitscheiden

31.
Wat is geen levenskenmerk?
a)
Voeden
b)
Bewegen
c)
Slapen
d)
Voortplanten
32.
Uit een kiem groeit een nieuwe plant.
a)
Waar
b)
Niet waar
33.
De zaadhuid beschermt de navel van een bruine boon.
a)
Waar
b)
Niet waar
34.
Hoeveel zaadlobben heeft een bruine boon?
a)
één
b)
twee
c)
drie
d)
vier
35.

Als een boom elk jaar groeit en zwaarder wordt, noem je dat ontwikkeling.

a)

ja

b)

nee

36.

Als je een hond uitlaat, dan gaat hij op zoek naar de geur van andere honden. Als de hond die geur geroken heeft, dan plast hij ook op die plek.

Welke twee levenskenmerken horen hierbij?

a)

groeien en waarnemen

b)

uitscheiden en voortplanten

c)

uitscheiden en waarnemen

d)

voortplanten en groeien

37.

Met welk nummer is de navel aangegeven?

a)

nummer 1

b)

nummer 2

c)

nummer 3

d)

nummer 4