NEW
Font size
Worksheets8.1 Bloed
Total questions: 9
Worksheet time: 14mins
Een atleet uit Nederland traint enkele maanden in het hooggebergte. Hierna blijkt hij in Nederland tot een grotere prestatie te komen.
Welke verandering in het bloed zal mede tot deze grotere prestatie geleid hebben?
een groter aantal witte bloedcellen
een groter aantal rode bloedcellen
een groter aantal bloedplaatjes
een grotere hoeveelheid bloedplasma
Bij iemand komt een afwijking van de bloedplaatjes voor, waardoor deze hun inhoud niet kunnen afgegeven.
Wat kan daarvan het gevolg zijn?
het bloed stolt te snel
het bloed kan niet stollen
het bloed kan geen zuurstof vervoeren
het bloed kan een virus niet meer aanvallen
De bindingskracht tussen hemoglobine en koolmonoxide is groter dan die tussen hemoglobine en zuurstof.
Verschijnselen van koolmonoxidevergiftiging worden dan ook veroorzaakt doordat
koolmonoxide aan de cellen wordt afgegeven
veel rode bloedcellen geen zuurstof meer kunnen binden
zuurstof nu gebonden blijft aan de hemoglobine
er nu veel kooldioxide vrijkomt
Deze cellen bevatten hemoglobine
rode bloedcellen
witte bloedcellen
bloedplaatjes
lichaamscellen
Dit eiwit heeft een functie bij het stollen van bloed
fibrinogeen
hemoglobine
trombose
stollings-eiwit
Witte bloedcellen
vervoeren zuurstof
vervoeren koolstofdioxide
hebben geen vaste vorm
spelen een rol bij de stolling van bloed
Een bloedprop in een bloedvat noemen we een
bloedprop
trombone
bloedstolsel
trombose
In de afbeelding hiernaast tref je een aantal verschillende bloeddeeltjes aan. Wat wordt in de afbeelding aangegeven met nummer 3
Witte bloedcellen
Rode bloedcellen
Bloedplaatjes
Bloedplasma
