wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

BK2 Thema 2 basisstof 1 en 2

Total questions: 21

Worksheet time: 21mins

Name
Class
Date
1.

In de afbeelding zie je

a)

voedingsstoffen

b)

voedingsmiddelen

c)

geen van beide

2.

In de afbeelding zie je

a)

Voedingsmiddelen

b)

Voedingsstoffen

c)

Vitamines

d)

Mineralen

e)

Geen van de antwoorden is goed

3.

Welke voedingsstoffen zijn brandstoffen?

a)

Eiwitten, koolhydraten en vetten

b)

vetten

c)

Koolhydraten

d)

Mineralen

e)

Vitaminen

4.

Beschermende stoffen zijn

a)

Vitaminen

b)

Mineralen

c)

Eiwitten

d)

Water

e)

Vetten

5.

Hoeveel energie je nodig hebt hangt af van een aantal factoren. Je hebt meer energie nodig wanneer je

a)

Kleiner bent

b)

Groter/zwaarder bent

c)

Ouder bent

d)

Lichter bent

6.

In welk product vind je de meeste vezels?

a)

Volkoren tarwemeel

b)

Speltmeel

c)

Havermeel

7.

Een ei hoort bij ........................voedingsmiddelen

a)

plantaardige

b)

dierlijke

8.

Vooral een tekort aan deze voedingsstoffen kan ziekte veroorzaken

a)

beschermende stoffen

b)

brandstoffen

c)

bouwstoffen

d)

reservestoffen

9.

Welke groepen van voedingsstoffen zijn er?

a)

Eiwitten, koolhydraten, vetten, zouten en vitaminen

b)

Eiwitten, koolhydraten, vetten, mineralen, water en vitaminen

c)

Eiwitten, vetten, mineralen, zouten, water en vitaminen

d)

Eiwitten, koolhydraten, vetten, zouten, mineralen, water en vitaminen

10.

Welke voedingsmiddelen zijn beter voor de goede werking van de darmen?

a)

plantaardige

b)

dierlijke

11.
Is een voedingsstof een onderdeel van een voedingsmiddel?
a)
Ja
b)
Nee
12.
Wat is karnemelk?
a)
Een plantaardig voedingsmiddel
b)
Een dierlijk voedingsmiddel
13.

Koolhydraten vervullen vooral de volgende functie in je lichaam

a)

reservestof

b)

beschermende stof

c)

brandstof

d)

bouwstof

14.

Deze voedingsstoffen worden opgeslagen in bepaalde delen van je lichaam

a)

beschermende stoffen

b)

brandstoffen

c)

bouwstoffen

d)

reservestoffen

15.

Eiwitten vervullen vooral de volgende functie in je lichaam

a)

reservestof

b)

beschermende stof

c)

brandstof

d)

bouwstof

16.

Dit voedingsmiddel bevat veel koolhydraten (meerdere antwoorden mogelijk)

a)

Vlees

b)

brood

c)

kaas

d)

spaghetti

17.

Dit voedingsmiddel bevat veel vet (meerdere antwoorden mogelijk)

a)

appel

b)

brood

c)

zonnebloemolie

d)

mayonaise

e)

halfvolle melk

18.

Dit voedingsmiddel bevat veel eiwitten (meerdere antwoorden mogelijk)

a)

vis

b)

cola

c)

kwark

d)

kaas

e)

appel

19.

Dit voedingsmiddel bevat veel vitaminen (meerdere antwoorden mogelijk)

a)

vis

b)

paprika

c)

spinazie

d)

kaas

e)

appel

20.

Alle producten die je eet of drinkt noem je

a)

Voedingsproducten

b)

Voedsel

c)

Voedingsmiddelen

21.
De functie van voedingsvezels is het bevorderen van de darmperistaltiek
a)
Juist
b)
Onjuist