Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2KGT vocab chapter 2

Total questions: 22

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Vertaal het woord:

Appointment

a)

afspraak

b)

hechtingen

c)

wachtkamer

d)

onderzoeken

2.

Vertaal het woord:

Stitches

a)

afspraak

b)

hechtingen

c)

wachtkamer

d)

onderzoeken

3.

Vertaal het woord:

waiting room

a)

afspraak

b)

hechtingen

c)

wachtkamer

d)

onderzoeken

4.

Vertaal het woord:

(to) examine

a)

afspraak

b)

hechtingen

c)

wachtkamer

d)

onderzoeken

5.

Vertaal het woord:

(to) be ill

a)

bloeden

b)

Ziek zijn

c)

kneuzen

d)

misselijk voelen

6.

Vertaal het woord:

(to) bleed

a)

bloeden

b)

Ziek zijn

c)

kneuzen

d)

misselijk voelen

7.

Vertaal het woord:

(to) bruise

a)

bloeden

b)

Ziek zijn

c)

kneuzen

d)

misselijk voelen

8.

Vertaal het woord:

(to) feel sick

a)

bloeden

b)

Ziek zijn

c)

kneuzen

d)

misselijk voelen

9.

al het woord:

(to) have a fever

a)

verkouden zijn

b)

Griep hebben

c)

koorts hebben

d)

duizelig zijn

10.

al het woord:

(to) have a cold

a)

verkouden zijn

b)

Griep hebben

c)

koorts hebben

d)

duizelig zijn

11.

al het woord:

(to) have the flu

a)

verkouden zijn

b)

Griep hebben

c)

koorts hebben

d)

duizelig zijn

12.

al het woord:

(to) feel dizzy

a)

verkouden zijn

b)

Griep hebben

c)

koorts hebben

d)

duizelig zijn

13.

al het woord:

(to) avoid

a)

Vermijden

b)

verbeteren

c)

herstellen, genezen

d)

zich zorgen maken

14.

al het woord:

(to) improve

a)

Vermijden

b)

verbeteren

c)

herstellen, genezen

d)

zich zorgen maken

15.

al het woord:

(to) heal

a)

Vermijden

b)

verbeteren

c)

herstellen, genezen

d)

zich zorgen maken

16.

al het woord:

(to) worry

a)

Vermijden

b)

verbeteren

c)

herstellen, genezen

d)

zich zorgen maken

17.

Vertaal het woord tussen de haakjes:
The injured player injured her (enkel) during the training.

(a)  

18.

Vertaal het woord tussen de haakjes:
(gelukkig), there are lots of nice places to eat in the city.

(a)  

19.

Vertaal het woord tussen de haakjes:
It was a (lastig) year, but we got through it.

(a)  

20.

Vertaal het woord tussen de haakjes:
The (gemiddelde) person needs around 8 hours of sleep each night.

(a)  

21.

Vertaal het woord tussen de haakjes:
The (sfeer) at the party was great, everyone was having a good time.

(a)  

22.

Vertaal het woord tussen de haakjes:
Eating 2 pieces of fruit everyday is a healthy (gewoonte).

(a)