Font size
WorksheetsCursus Spelling 1kgt
Total questions: 60
Worksheet time: 40mins
Hoeveel hoofdletters moeten er in deze naam staan:
herman van der wiel
1
2
3
4
Is de volgende zin juist gespeld?
In Noord-Brabant wordt in de lente Pasen vaak gevierd door de Brabanders.
Nee, de zin is niet juist gespeld, brabanders is zonder hoofdletters
Nee, de zin is niet juist gespeld, pasen is zonder hoofdletter
Ja, de zin is juist gespeld, alle hoofdletters staan op de juiste plaats
Nee, de zin is niet juist gespeld, Noord-brabant heeft maar één hoofdletter
Als je iemand citeert, dus opschrijft wat iemand zegt, dan doe je dat op de volgende manier:
Fred zei 'Mag ik de pindakaas?'
Fred zei 'mag ik de pindakaas?'
Fred zei: mag ik de pindakaas?
Fred zei: 'Mag ik de pindakaas'
Je kunt de vorige zin ook in een andere volgorde schrijven, bijvoorbeeld op de volgende manier:
Mag ik de pindakaas? vroeg Fred.
Wat is er dan anders dan bij de vorige zin?
We gebruiken dan geen aanhalingstekens (zoals ''...')
Het woord vroeg wordt dan met een hoofdletter geschreven.
De dubbele punt is nu niet meer nodig bij het citeren
Waarom gebruiken we eigenlijk een komma?
Om een spreekpauze in een zin aan te geven.
Om een zin beter leesbaar te maken.
Omdat we anders geen lange zinnen kunnen schrijven.
Omdat een punt niet altijd past.
Twee woorden in de onderstaande zin zijn niet juist gespeld. Welke woorden zijn dat?
Tijdens het kerstfeest van de Brugklassers viel Elise over een glas Coca-cola
kerstfeest en brugklassers
kerstfeest en Coca-cola
Elise en brugklassers
Brugklassers en Coca-cola
Vergelijk de volgende manieren om een naam te schrijven:
Pierre-Willem van der Bruggen
Meneer Van der Bruggen
Waarom verandert de 'V' van het woord 'van' bij de tweede versie in een hoofdletter?
Omdat 'Van' in de tweede versie de eerste letter van de naam is.
Omdat het woord 'meneer' aan geeft dat het hier om een nette versie van de naam gaat, waarbij een hoofdletter gebruikt wordt.
Omdat nette namen, zoals Pierre-Willem, zoveel mogelijk hoofdletters nodig hebben.
Omdat de eerste versie van de naam niet in een nette brief gebruikt wordt.
Hoeveel hoofdletters staan er in de volgende zin?
de jongens die samen de film oorlogswinter keken zijn daarna samen naar de kerstvoorstelling gaan kijken
1
2
3
4
Waar staan de aanhalingstekens in de onderstaande zin?
Ik heb helemaal geen zin in spinazie, riep Koen, je weet dat ik dat vies vind
Ik heb helemaal geen zin in spinazie, riep Koen, 'je weet dat ik dat vies vind.'
'Ik heb helemaal geen zin in spinazie', riep Koen, je weet dat ik dat vies vind.
'Ik heb helemaal geen zin in spinazie, riep Koen, je weet dat ik dat vies vind.'
'Ik heb helemaal geen zin in spinazie,' riep Koen, 'je weet dat ik dat vies vind.'
Welk leesteken past het best aan het eind van deze zin?
"Een van hen had een emmer, de tweede had een drilboor en de derde een spade"
?
!
.
In welke zin worden de leestekens correct gebruikt?
Oma had: een mooie, oude, houten kast.
Oma had een mooie, oude, houten kast.
Oma had een mooie oude houten kast.
Welk leesteken past het best in deze zin?
"Maar wie van de vinders mocht de schat nu mee naar huis nemen"
?
!
.
Welk leesteken is hier fout gebruikt?
.
!
?
Geen enkel
Waarom is dit onduidelijk?
Er is niets mis mee.
Er ontbreekt een punt.
Er ontbreekt een vraagteken.
Er ontbreekt een uitroepteken.
Typ de zin over. Let op je hoofdletters en leestekens.
marie krijgt een nieuwe fiets
(a)
Typ de zin over. Let op hoofdletters en leestekens.
welke sport doe je graag
(a)
Typ de zin over. Let op hoofdletters en leestekens.
stop met lawaai maken
(a)
Wat is het meervoud van: drie
drieën
driën
drieen
dries
Het meervoud van 'dak' is:
daken
dakken
Het meervoud van 'varkensschuur' is:
varkensschuuren
varkensschuren
Het meervoud van 'bontlaars' is:
bontlaarsen
bontlaarzen
Het meervoud van 'hondenhok' is:
hondenhoken
hondenhokken
Het meervoud van 'bikini' is:
bikinis
bikini's
Het meervoud van 'saxofoonsolo' is:
saxofoonsolo's
saxofoonsoloos
saxofoonsolos
verkleinwoord:
baby
babietje
baby'tje
babytje
baby'je
Verkleinwoord:
Camping
campinkje
campingkje
campingetje
campingentje
verkleinwoord:
bon
bonnetje
bonnekje
bonetje
bontje
Wat is het correcte verkleinwoord voor 'koning'?
koningtje
koninkje
koninktje
koningetje
Wat is het correcte verkleinwoord voor 'pony'?
pony'tje
ponytje
ponykje
paardje
Vul in op de puntjes, in de verleden tijd:
In onze laatste wedstrijd ... Wesley zijn enkel.
breekt
breekte
brakt
brak
Vul in op de puntjes, in de verleden tijd:
Met piepende banden ... Thomas de bocht om.
rijd
rijdt
reed
rijdde
Vul in op de puntjes, in de verleden tijd:
Na die mislukking ... al zijn vrienden hem in de steek.
lieten
laten
laatten
liet
Vul in op de puntjes, in de verleden tijd:
We ... de zon prachtig achter de bergen ondergaan.
zien
zagen
zaggen
zienden
Vul in op de puntjes, in de verleden tijd:
In 1648 ... Spanje en de Nederlanden eindelijk vrede.
sluiten
sluitten
sloten
slote
Vul in op de puntjes, in de verleden tijd:
Vorige week ... Blauw-Wit met 2-0 van Heracles.
verloor
verliesde
verloren
verliesden
Vul in op de puntjes, in de verleden tijd:
De jongens ... iets wat wij niet konden verstaan.
roep
riep
riepten
riepen
Vul in op de puntjes, in de verleden tijd:
Sem ... als klein kind niet van uien en knoflook.
hield
houdt
houdde
houd
een komma gebruik je
na het woord zoals
voor het woord omdat
niet voor het woord maar
nooit voor het woord want
een komma schrijf je
aan het eind van een zin
in een zin
als je een korte pauze in een zin wilt aangeven
nooit in het Engels
voorbeelden van leestekens zijn
punt, vraagteken, uitroepteken
hoofdletter, vraagteken, punt
uitroepteken, hoofdletter, vraagteken
Een uitroepteken
gebruik je nooit bij een vraag
gebruik je nooit bij een uitroep
Een zin begin je altijd met een
vraagteken
punt
hoofdletter
uitroepteken
als er gevraagd wordt om het hele werkwoord
schrijf je die altijd in de verleden tijd
schrijf je die in de tegenwoordige tijd
maakt het niet uit of je tegenwoordige- of verleden tijd gebruikt
Bij de persoonsvorm tegenwoordige tijd
schrijf je altijd de stam als ik-vorm
schrijft je bij de hij-vorm de ik-vorm +t
schrijf je altijd het hele werkwoord in de verleden tijd
de stam van het werkwoord lopen is
loop
lop
lopen
De stam van een werkwoord is
het hele werkwoord - en
gelijk aan de ik-vorm
het hele werkwoord
Dat is geen goede kok, hij (braden) het vlees altijd gitzwart.
braad
braadt
braat
brad
voor je het in de gaten hebt, (veranderen) die bloem van kleur.
verandert
veranderdt
veranderen
verander
Jij (vinden) het leuk om naar feestjes te gaan.
vint
vind
vinden
vindt
Ik (vinden) er geen bal aan.
vind
vindt
vinden
vint
tt en vt zijn afkortingen voor
totdat en voordat
tegenwoordige tijd en verleden tijd
Als je de tijd in een zin verandert, verander je......
het onderwerp
de persoonsvorm
Schrijf de onderstreepte persoonsvorm in de verleden tijd.
Hij rondt vandaag zijn werkstuk af.
(a)
Schrijf de onderstreepte persoonsvorm in de verleden tijd.
Mijn zusje huppelt over de stoep.
(a)
Schrijf de onderstreepte persoonsvorm in de verleden tijd.
Haar broertje zeurt de hele tijd om snoep.
(a)
Schrijf de persoonsvorm in de verleden tijd.
Ik had vroeger twee kippen als huisdier. Ze (heten) ___ Tok en Sien.
heten
heetten
heette
hette
Schrijf de persoonsvorm in de verleden tijd.
Ze waren gek op broodkruimels en die (pikken) ___ ze gewoon uit mijn hand.
pokken
pikte
pikkten
pikten
Schrijf de persoonsvorm in de verleden tijd.
Eén keer (begrijpen) ___ Tok het niet: ze beet toen in mijn hand.
begrijpte
begrap
begreep
begreepte
Schrijf de persoonsvorm in de verleden tijd.
Ik had een flinke wond. Daar (schrikken) ___ mijn ouders erg van.
schrokken
schrikten
schrok
schrekken
Schrijf de onderstreepte persoonsvorm in de verleden tijd.
Vele mensen vinden dolfijnen lieve beesten.
vindden
vonden
vondden
