NEW
Font size
WorksheetsTC B1 1.5 praatplaat woorden
Total questions: 12
Worksheet time: 6mins
Wat doet Koen?
Hij boort een gat.
Hij snijdt een gat.
Hij timmert een gat.
Wat doet het meisje?
Ze plukt hout.
Ze lijmt hout.
Ze timmert hout.
Wat doen Mark en Simone?
Ze versieren cupcakes.
Ze knutselen met cupcakes.
Ze spelen met cupcakes.
Wat doet Anja?
Ze naait een trui.
Ze breit een trui.
Ze maait een trui.
Wat is Tom aan het doen?
Tom maait het gras.
Tom is het gras aan het snoeien.
Tom is het gras aan het maaien.
Wat is de monteur aan het doen?
De monteur is een onderdeel aan het vervangen.
De monteur zoekt een onderdeel.
De monteur is een onderdeel aan het zagen.
Wat doet de tuinman?
Hij vult een gat.
Hij graaft een gat.
Hij boort een gat.
Wat is de jongen aan het doen?
Hij is kersen aan het snoeien.
Hij is kersen aan het plukken.
Hij is kersen aan het plakken.
Wat doet de boer?
Hij zaait.
Hij gooit.
Hij zaagt.
Wat doet het kind?
Hij snijdt papier.
Hij tekent op papier.
Hij knutselt met papier.
Wat doet de bouwvakker?
Hij timmert het dak.
Hij zaagt het dak.
Hij slaat het dak.
Wat doet Nora?
Zij is een plank aan het zagen.
Zij snoeit een plank.
Zij zaagt een plank.
