wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H12 Beco V4

Total questions: 8

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

De vereniging en de stichting zijn beide niet-commerciële organisaties. Er zit ook een verschil tussen beide rechtsvormen. Wat is dat?

a)

Een vereniging heeft leden en een stichting heeft geen leden

b)

Een stichting heeft leden en een vereniging heeft geen leden

c)

Een vereniging heeft een doel en een stichting niet

d)

Een stichting heeft een doel en een vereniging niet

2.

Als een aanbieder marktleider is met 67% van het marktaandeel. Dan hebben we het over...

a)

De absolute omvang

b)

De relatieve omvang

3.

Organisaties voldoen aan maatschappelijke behoeften. Wat is geen maatschappelijke behoefte waar organisaties aan voldoen?

a)

Werken aan innovatie

b)

Leveren van belastingopbrengsten

c)

Zorgen voor werkgelegenheid

d)

Het zijn allemaal voorbeelden van maatschappelijke behoeften waar organisaties aan voldoen

4.

De 3 onderdelen van maatschappelijk verantwoord ondernemen zijn...

a)

Op een sociale manier zorgen voor winst dat niet ten koste gaat aan de dieren

b)

People, planet, profit

c)

People, planet, profijt

d)

Mensen, dieren en de aarde

5.

De verklaring van de accountant moet aan 4 dingen voldoen. Aan welke hoeft het NIET te voldoen?

a)

Betrouwbaar: het moet juist, volledig en tijdig zijn

b)

Aarnvaardbaar: het moet volgens de wet- en regelgeving zijn

c)

Rechtmatig: de kosten en opbrengsten zijn "terecht" verdeeld over de juiste periode van het jaar

d)

Optimaal: het moet zo veel mogelijk winst opleveren

6.

Waarom wordt er een accountant ingehuurd?

(a)  

7.

Shell geeft in zijn jaarverslag aan dat zij maatschappelijk verantwoord bezig zijn. De focus gaat uit naar duurzame energiebronnen. Toch wordt de grootste omzet behaald met fossiele brandstof. Is dit maatschappelijk verantwoord ondernemen? Verklaar en verwerk in je antwoord welke P het hier om gaat.

(a)  

8.

Welke taken heeft het management?

a)

Bepalen van de doelstellingen.

b)

Plannen

c)

Organiseren

d)

Geven van leiding

e)

Controleren