wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2HV H2.1 en 2.2 Van de bergen naar de zee

Total questions: 18

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Een exogene kracht is?

a)

Een kracht van binnenuit de aarde die de aardkorst verandert

b)

Een kracht van buiten het aardoppervlak dat de aardkorst verandert

c)

Een kracht dat veel verweringsmateriaal creërt

2.

Welk proces dat materiaal op een plek aflevert is mede-verantwoordelijk voor het ontstaan van de Alpen?

a)

Erosie

b)

Chemische verwering

c)

Sedimentatie

3.

Welke bewering is waar?

a)

Erosie is een exogeen proces en een aardbeving is een endogene kracht

b)

Sedimentatie en erosie zijn beide een endogene kracht

c)

Verwering is een endogene kracht

d)

Vulkaanuitbarstingen zijn een exogene kracht

4.
a)

Dit is een U-dal gevormd door een rivier

b)

Dit is een U-dal gevormd door een gletsjer

c)

Dit is een V-dal gevormd door een rivier

d)

Dit is een V-dal gevormd door een gletsjer

5.
a)

Dit is een U-dal gevormd door een rivier

b)

Dit is een U-dal gevormd door een gletsjer

c)

Dit is een V-dal gevormd door een rivier

d)

Dit is een V-dal gevormd door een gletsjer

6.

Waar begint de rivier?

a)

benedenloop

b)

middenloop

c)

bovenloop

d)

onderloop

7.

Wat voor soort verwering zie je hier?

a)

Mechanische verwering door vorst

b)

Chemische verwering

c)

Mechanische verwering door temperatuurverschillen

8.

Geef aan juist of onjuist:

Tijdens een glaciaal is het heel koud in deze tijd groeien gletsjers aan.

a)

Juist

b)

Onjuist

9.

Geef aan juist of onjuist:

In de zee die 100 miljoen jaar geleden tussen Afrika en Europa lag, vond sedimentatie plaats.

a)

Juist

b)

Onjuist

10.

Wat is een gletsjer?

a)

IJsmassa in het hooggebergte die langzaam naar beneden schuift

b)

IJsmassa in het laagland die langzaam verder schuift.

c)

IJsmassa in het hooggebergte die snel naar beneden schuift.

11.

Wat is erosie?

a)

Het afschuren van stenen door water, ijs of wind

b)

Het afbrokkelen van gesteente

c)

Gletsjers die puin mee nemen

d)

De grens tussen twee stroomgebieden

12.

Neerleggen van verweringsmateriaal als de transportsnelheid van water, wind of ijs afneemt.

a)

Erosie

b)

Verwering

c)

Sedimentatie

d)

Gletsjer

13.

Afbraak van gesteente onder invloed van het weer en plantengroei

a)

Erosie

b)

Verwering

c)

Sedimentatie

d)

Gletsjer

14.

Door welke plaatbeweging ontstaan bergen?

a)

Convergent - Naar elkaar toe.

b)

Divergent - Uit elkaar.

c)

Transform - Langs elkaar.

15.

Bekijk de afbeelding. Wat hoort er bij cijfer 4?

a)

Gletsjerpoort

b)

Gletsjerrivier

c)

Zijmorene

d)

Eindmorene

16.

Wat voor soort verwering zie je hier?

a)

Mechanische verwering door vorst

b)

Chemische verwering

c)

Mechanische verwering door temperatuurverschillen

17.

Waaraan herken je een jong gebergte?

a)

Een jong gebergte heeft scherpe pieken en toppen.

b)

Een jong gebergte is altijd hoger dan 5000 meter.

c)

Een jong gebergte heeft platte pieken en toppen.

d)

Een jong gebergte komt alleen voor in Europa.

18.

Wat voor soort verwering zie je hier?

a)

Mechanische verwering door plantengroei

b)

Chemische verwering

c)

Mechanische verwering door temperatuurverschillen

d)

Chemische verwering door temperatuurverschillen