wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Opstand

Total questions: 59

Worksheet time: 28mins

Name
Class
Date
1.
Wanneer begon de Opstand in de Nederlanden?
a)
1568
b)
1588
c)
1600
d)
1648
2.

In welk document werd Filips II definitief als koning afgezet door de Noordelijke Nederlanden?

a)

Unie van Utrecht

b)

Unie van Atrecht

c)

Acte van Verlatinghe

d)

Pacificatie van Gent

3.

De meeste landen in Europa rond 1700 waren een:

a)

Republiek

b)

Monarchie

c)

Democratie

d)

Aristocratie

4.

Welke mensen konden vroeger in het bestuur van de Republiek komen?

a)

Iedereen (je had stemrecht)

b)

Alleen burgers

c)

Kooplieden

d)

Rijke mensen uit belangrijke families

5.
Wie volgde Willem op als leider van de opstand tegen de Spanjaarden?
a)
Maurits van Nassau
b)
Frederik Hendrik van Nassau
c)
Adolf van Nassau
d)
Koning Willem Alexander
6.
Welke stad werd door de Watergeuzen veroverd op 1 april 1572?
a)
Den Briel
b)
Delft
c)
Amsterdam
d)
Beverwijk
7.

Prins Maurits werd de stadhouder van Holland en Zeeland - tot zijn takenpakket behoorde

a)

het voeren van gesprekken met buitenlandse vorsten.

b)

het aanvoeren van het Staatse leger.

c)

het veroveren van Engelse schepen.

d)

het vervolgen van ketters.

8.

Stelling 1: Het Staatse leger was succesvol omdat het veel soldaten had.

Stelling 2: Het Spaanse leger had regelmatig te maken met muiterijen.

a)

Stelling 1 en 2 zijn beide juist.

b)

Stelling 1 en 2 zijn beide onjuist.

c)

Alleen stelling 1 is juist.

d)

Alleen stelling 2 is juist.

9.
Hoeveel gewesten waren er in de Republiek?
a)
6
b)
7
c)
8
d)
9
10.
Welk gewest had in de Staten-Generaal de meeste invloed?
a)
Drente
b)
Brabant
c)
Zeeland
d)
Holland
11.
Wat was de functie van Johan van Oldenbarnevelt?
a)
Stadhouder
b)
raadpensionaris
c)
patricier
d)
regent
12.

Waarom wilde Raadspensionaris Van Oldenbarnevelt een bestand met de Spanjaarden?

a)

Dat moest van prins Maurits.

b)

Oorlog voeren was slecht voor de handel.

c)

Van Oldenbarnevelt wilde graag vrienden zijn met de Spanjaarden.

d)

De Spanjaarden dreigden Nederlandse steden te veroveren.

13.
Bij welke vrede erkenden de Spanjaarden officieel de Republiek als een Soeverein (dat betekent vrij en zelfstandig) land?
a)
Vrede van Munster
b)
Vrede van Munchen
c)
Vrede van Augsburg
d)
Vrede van Atrecht
14.
De vrede van Munster werd getekend in:
a)
1568
b)
1648
c)
1700
d)
1672
15.

Zet in de juiste volgorde

a)

Breda wordt ingenomen - Vrede van Munster - Ruzie tussen Maurits en Van Oldenbarnevelt - Maurits volgt Willem op

b)

Maurits volgt WIllem op - Ruzie tussen Maurits en Van Oldenbarnevelt - Breda wordt ingenomen - Vrede van Munster.

c)

Vrede van Munster - Maurits volgt Willem op - Ruzie tussen Maurits en Van Oldenbarnevelt- Brede wordt ingenomen

d)

Maurits volgt Willem op - Breda wordt ingenomen - Ruzie tussen Maurits en Van Oldenbarnevelt

- Vrede van Munster

16.

In welk jaar volgde Filips II zijn vader Karel V op?

a)

1515

b)

1543

c)

1555

d)

1566

17.

Een stelling: "Het centrale bestuur van Filips II was een oorzaak voor het ontstaan van de Opstand." Klopt deze stelling? Waarom wel/niet?

a)

Ja, want de adel en steden waren hier tegen

b)

Nee, het was een gevolg, niet een oorzaak

c)

Ja, want de katholieken waren hier tegen

d)

Nee, het was een oorzaak voor de Reformatie

18.

Wat gebeurde er in 1559 met Filips II?

a)

De hagenpreken begonnen

b)

De beeldenstorm brak uit

c)

Hij verliet voorgoed de Nederlanden

d)

Hij werd afgezet door de opstandige gewesten

19.

Wat is particularisme?

a)

De gewesten hebben allemaal een eigen bestuur met privileges

b)

De gewesten hebben allemaal hetzelfde bestuur

c)

Het land wordt bestuurd vanuit een hoofdstad

d)

Het vervolgen en veroordelen van ketters

20.

Wat is de juiste volgorde van deze gebeurtenissen?

a)

- Filips II wordt landsheer

- Het Bloedplakkaat wordt ingevoerd

- Het Smeekschrift wordt aangeboden

- Karel V wordt landsheer

b)

- Het Bloedplakkaat wordt ingevoerd

- Karel V wordt landsheer

- Het Smeekschrift wordt aangeboden

- Filips II wordt landsheer

c)

- Karel V wordt landsheer

- Het Smeekschrift wordt aangeboden

- Filips II wordt landsheer

- Het Bloedplakkaat wordt ingevoerd

d)

- Karel V wordt landsheer

- Het Bloedplakkaat wordt ingevoerd

- Filips II wordt landsheer

- Het Smeekschrift wordt aangeboden

21.

Wat voor titel had Margareta van Parma?

a)

Koningin

b)

Stadhouder

c)

Landvoogdes

d)

Landsvervanger

22.

In welk jaar vroegen de calvinisten voor het eerst aan Margaretha van Parma om kettervervolgingen te matigen?

a)

1555

b)

1565

c)

1566

d)

1567

23.

Welk onderdeel van het Spaanse beleid werd alleen maar strenger onder Filips II?

a)

Protestantisme

b)

Particularisme

c)

Inquisitie

d)

Privileges

24.

Twee stellingen:

1. De stadsbesturen voorden de plakkaten goed uit

2. De edelen kregen de naam 'bedelaar'

a)

Alleen stelling 1 is juist

b)

Alleen stelling 2 is juist

c)

Beide stellingen zijn juist

d)

Beide stellingen zijn onjuist

25.

Wat zie je op deze afbeelding?

a)

Kerkendonder

b)

Beeldenstorm

c)

Bliksemraad

d)

Verwoestingsgolf

26.

Welke stelling over Filips II is FOUT?

a)

Hij was de zoon van Karel V

b)

Hij vervolgde Rooms-katholieken

c)

Hij bestuurde zonder advies van de edelen

d)

Er was een economische crisis in de Nederlanden onder zijn bewind

27.

Wie stuurde Filips II naar de Nederlanden na de Beeldenstorm?

a)

De hertog van Alva

b)

De hertog van Andalusië

c)

De graaf van Madrid

d)

De heer van Mechelen

28.

Van welk gewest was Willem van Oranje in 1566 geen stadhouder?

a)

Friesland

b)

Holland

c)

Zeeland

d)

Utrecht

29.

Wat is de juiste volgorde:

a)

hagenpreek - beeldenstorm - komst alva - smeekschrift

b)

hagenpreek - smeekschrift - komst alva - beeldenstorm

c)

komst alva - smeekschrift - beeldenstorm - hagenpreek

d)

smeekschrift - hagenpreek - beeldenstorm - komst alva

30.

Wat was een belangrijk gevolg van de komst van Alva in 1567:

a)

Duizenden Nederlanders vluchtten naar het buitenland

b)

Alva ging in overleg met de gewestelijke staten.

c)

Egmont en Hoorne werden tot een levenslange gevangenisstraf veroordeeld

d)

Willem van Oranje werd gearresteerd door de troepen van Alva

31.

Wat is het belang van de inname van Den Briel in 1572?

a)

Steeds meer Hollandse en Zeeuwse steden liepen naar de Opstand over

b)

De oorlog werd een echte strijd tussen Nederland en Spanje

c)

Den Briel was een van de belangrijkste steden van Holland

d)

De inname van Den Briel was zeer heldhaftig geweest

32.

Op 10 juli 1584 werd Willem van Oranje vermoord. Door wie?

a)

Filips ll

b)

prins Maurits

c)

Johan van Oldebarneveldt

d)

Alva

e)

Balthasar Gerards

33.

Wie was de koning van de Republiek der Zeven Nederlanden?

a)

prins Maurits

b)

Willem van Oranje

c)

Elizabeth l

d)

Er was geen koning

34.

Welk begrip hoort niet bij de Zeven Verenigde Nederlanden?

a)

Stadhouder

b)

Raadspensionaris

c)

Statenvergadering

d)

Koning

35.

Waar kwam de soevereiniteit te liggen bij de Zeven Verenigde Gewesten nadat ze Filips 2 hadden afgezworen?

a)

De koning

b)

De vorst

c)

De Staten Generaal

d)

De Gewestelijke Staten

36.

In welk jaar volgde Filips II zijn vader Karel V op?

a)

1515

b)

1543

c)

1555

d)

1566

37.

Een stelling: "Het centrale bestuur van Filips II was een oorzaak voor het ontstaan van de Opstand." Klopt deze stelling? Waarom wel/niet?

a)

Ja, want de adel en steden waren hier tegen

b)

Nee, het was een gevolg, niet een oorzaak

c)

Ja, want de katholieken waren hier tegen

d)

Nee, het was een oorzaak voor de Reformatie

38.

Wat gebeurde er in 1559 met Filips II?

a)

De hagenpreken begonnen

b)

De beeldenstorm brak uit

c)

Hij verliet voorgoed de Nederlanden

d)

Hij werd afgezet door de opstandige gewesten

39.

Wat is particularisme?

a)

De gewesten hebben allemaal een eigen bestuur met privileges

b)

De gewesten hebben allemaal hetzelfde bestuur

c)

Het land wordt bestuurd vanuit een hoofdstad

d)

Het vervolgen en veroordelen van ketters

40.

Wat is de juiste volgorde van deze gebeurtenissen?

a)

- Filips II wordt landsheer

- Het Bloedplakkaat wordt ingevoerd

- Het Smeekschrift wordt aangeboden

- Karel V wordt landsheer

b)

- Het Bloedplakkaat wordt ingevoerd

- Karel V wordt landsheer

- Het Smeekschrift wordt aangeboden

- Filips II wordt landsheer

c)

- Karel V wordt landsheer

- Het Smeekschrift wordt aangeboden

- Filips II wordt landsheer

- Het Bloedplakkaat wordt ingevoerd

d)

- Karel V wordt landsheer

- Het Bloedplakkaat wordt ingevoerd

- Filips II wordt landsheer

- Het Smeekschrift wordt aangeboden

41.

Wat voor titel had Margareta van Parma?

a)

Koningin

b)

Stadhouder

c)

Landvoogdes

d)

Landsvervanger

42.

In welk jaar vroegen de calvinisten voor het eerst aan Margaretha van Parma om kettervervolgingen te matigen?

a)

1555

b)

1565

c)

1566

d)

1567

43.

Welk onderdeel van het Spaanse beleid werd alleen maar strenger onder Filips II?

a)

Protestantisme

b)

Particularisme

c)

Inquisitie

d)

Privileges

44.

Twee stellingen:

1. De stadsbesturen voorden de plakkaten goed uit

2. De edelen kregen de naam 'bedelaar'

a)

Alleen stelling 1 is juist

b)

Alleen stelling 2 is juist

c)

Beide stellingen zijn juist

d)

Beide stellingen zijn onjuist

45.

Wat zie je op deze afbeelding?

a)

Kerkendonder

b)

Beeldenstorm

c)

Bliksemraad

d)

Verwoestingsgolf

46.

Welke stelling over Filips II is FOUT?

a)

Hij was de zoon van Karel V

b)

Hij vervolgde Rooms-katholieken

c)

Hij bestuurde zonder advies van de edelen

d)

Er was een economische crisis in de Nederlanden onder zijn bewind

47.

Wie stuurde Filips II naar de Nederlanden na de Beeldenstorm?

a)

De hertog van Alva

b)

De hertog van Andalusië

c)

De graaf van Madrid

d)

De heer van Mechelen

48.

Wat is de juiste volgorde:

a)

hagenpreek - beeldenstorm - komst alva - smeekschrift

b)

hagenpreek - smeekschrift - komst alva - beeldenstorm

c)

komst alva - smeekschrift - beeldenstorm - hagenpreek

d)

smeekschrift - hagenpreek - beeldenstorm - komst alva

49.

Wat is een tegenstelling?

a)

Centralisatie - particularisme

b)

Landvoogd - stadhouder

c)

Geheime raad - Raad van State

d)

Centralisatie - uniformering

50.

Wat is een stadhouder?

a)

Plaatsvervanger van de landsheer in alle gewesten.

b)

Plaatsvervanger van de heer binnen een gewest.

51.

Uit hoeveel gewesten bestonden de Nederlanden aan het begin van de 16e eeuw?

a)

3

b)

12

c)

17

d)

28

52.

Welke religie had Karel de Vijfde?

a)

Protestant

b)

Katholiek

53.

In welk tijdvak regeerde Karel V

a)

Tijd van Monniken en Ridders

b)

Tijd van Steden en Staten

c)

Tijd van Ontdekkers en Hervormers

d)

Tijd van Regenten en Vorsten

54.

In welke eeuw regeerde Karel de Vijfde?

a)

12e eeuw

b)

15e eeuw

c)

16e eeuw

d)

17e eeuw

55.

Wat is de inquisitie

a)

Rechtbank van de katholieke kerk voor het opsporen en bestrijden van ketterij.

b)

Iemand die zich niet houdt aan de officiële geloofsleer van de religie die is toegestaan en daarom vaak vervolgd wordt.

c)

Buiten de wet stellen.

d)

Christelijke stroming die zich afscheidde van de Katholieke Kerk.

56.

Door welke uitvinding werden de ideeën van Maarten Luther sneller verspreid?

a)

De boekdrukkunst

b)

De radio

c)

Het schrift

d)

De fiets

57.

Welke theoloog kreeg in de Nederlanden veel aanhangers?

a)

Luther

b)

Calvijn

c)

Zwingli

d)

Gregorius

58.

Wat is een economische oorzaak voor het uitbreken van de opstand.

a)

De misoogsten en inflatie.

b)

De strenge vervolging van de protestanten

c)

Het centralisatiebeleid

59.

Welke maatregelen nam de hertog van Alva? Kies het beste antwoord.

a)

Invoeren van de Raad van Beroerten en de Tiende penning.

b)

Invoeren van de Bloedwet en de Tiende penning.

c)

Invoeren van de Raad van Beroerten en het straffen van de deelnemers aan de beeldenstorm.

d)

Invoeren van de Tiende penning en het invoeren van een extra belasting.