wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Hoofdstuk 1 landschappen

Total questions: 17

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Welk soort gesteente en hoe heet dit gesteente dat we zien op de afbeelding?

a)

Sedimentgesteente:

graniet

b)

Stollingsgesteente:

graniet

c)

Sedimentgesteente:

kalksteen

d)

Stollingsgesteente:

kalksteen

2.

Wat is erosie?

a)

Het afschuren van stenen door water, ijs of wind

b)

Het afbrokkelen van gesteente

c)

Gletsjers die puin mee nemen

d)

De grens tussen twee stroomgebieden

3.

Neerleggen van verweringsmateriaal als de transportsnelheid van water, wind of ijs afneemt.

a)

Erosie

b)

Verwering

c)

Sedimentatie

d)

Gletsjer

4.
Door erosie
a)
worden dalen dieper en breder.
b)
worden bergen hoger.
c)
worden bergen lager.
d)
worden gletsjers groter en langer.
5.

Gebied dat hoger ligt dan 1.500 meter boven NAP

a)

Hooggebergte

b)

Heuvelland

c)

Middelgebergte

d)

Laagland

6.

Hoogteverschil in het landschap

a)

Plaat

b)

Aardkorst

c)

Reliëf

d)

Verwering

7.

Welk begrip past bij de volgende omschrijving:

nieuw land in zee bij de monding van een rivier dat ontstaat door sedimentatie

(a)  

8.

Wat voor gebergte zie je op de afbeelding

a)

Jong gebergte

b)

Oud gebergte

9.

Welk begrip past bij de volgende omschrijving:

Het afbrokkelen van gesteente onder invloed van weer en de werking van planten

(a)  

10.

Welke soort verwering zie je op de afbeelding

a)

Chemische verwering

b)

Mechanische verwering

11.

Welk begrip past bij de volgende omschrijving:

Sedimentgesteente dat bestaat uit samengeperste schelpen

(a)  

12.

Chemische verwering is het sterkst in gebieden met een:

a)

Koud en droog klimaat

b)

Warm en droog klimaat

c)

Koud en vochtig klimaat

d)

Warm en vochtig klimaat

13.

Welk soort dal zie je op de foto?

a)

V-dal, ontstaan door een rivier

b)

V-dal, ontstaan door een gletsjer

c)

U-dal, ontstaan door een rivier

d)

U-dal, ontstaan door een gletsjer

14.

Welk begrip hoort bij de volgende omschrijving:

'heuvels die ontstaan door de werking van gletsjers op land'

(a)  

15.

Waar vindt de meeste erosie plaats?

a)

Bovenloop

b)

Middenloop

c)

Benedenloop

16.

Hoe noem je een ondiepe plaats in zee?

(a)  

17.

Welke grondsoort kan je terugvinden in Zuid-Limburg

a)

Klei

b)

Veen

c)

Zand

d)

Löss