wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Succesvol in en naar het hoger onderwijs

Total questions: 22

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Na het behalen van je … op de middelbare school kan je je ook inschrijven in het hoger onderwijs.

a)

diploma

b)

diplome

c)

diplomma

2.

Je kan op verschillende niveaus verder …

a)

studie

b)

studenten

c)

studeren

3.

Mooi meegenomen is dat je als student.e af en toe mag werken en dat je daarnaast een … kan krijgen als het inkomen van het gezin niet te hoog is.

a)

beurs

b)

beurze

c)

boers

4.

Verder heb je vaak … :

a)

vrije

b)

vrij

c)

off

5.

een paar dagen ... (= les congés d’automne. ),

(a)  

6.

twee of drie weken ... (= les congés de Noël )

(a)  

7.

– weliswaar om te ...

a)

blokkeren

b)

blokken

c)

blokussen

8.

zodat je je goed kan ... op de examens

a)

voorbereiden

b)

klaar zijn

c)

klaarmakken

9.

en twee weken ... .

a)

pasenvakantie

b)

pasenvakanties

c)

paasvakantie

10.

En uiteraard een lange (a)   (= les vacances d’été),

11.

als je tenminste voor geen enkel onderdeel van het (1) bent (2) in juni.

a)

(1) program

b)

(1) programma

c)

(1) programa

d)

(2) gezakt

e)

(2) geslaagd

12.

Een bachelor duurt gewoonlijk (1) jaar en telt 180 (2) en bereidt je voor om te gaan werken.

a)

(1) drie

b)

(1) vier

c)

(2) studeerpunten

d)

(2) studentenpunten

e)

(2) studiepunten

13.

Je ziet in je (1) wanneer en waar je (2) hebt.

a)

(1) rooster

b)

(1) uurooster

c)

(2) klas

d)

(2) college

e)

(2) lesson

14.

Het eerste college mis je zeker niet, bij die eerste ontmoeting krijg je namelijk heel wat informatie en instructies. Op het laatste college moet je ook (1) zijn omdat de (2) ...

a)

(1) afwezig

b)

(1) aanwezig

c)

(2) leeraar

d)

(2) lerkracht

e)

(2) docent

15.

meestal met ... (= des exemples d'examen) komt, antwoord geeft op een heleboel vragen, ...

(a)  

16.

belangrijke zaken ... (répète),

(a)  

17.

of in hoog tempo de ... (= la matière) afwerkt.

(a)  

18.

In de ... (= période de blocus) werk je dan alle vakken af ...

(a)  

19.

... zodat je tijdens de examens alleen maar hoeft te ... .

a)

herhalen

b)

herhallen

c)

repeteren

20.

Veel programma’s bieden de mogelijkheid om een ... (= stage)

(a)  

21.

Veel programma’s bieden de mogelijkheid om een stage te ... (= faire un stage)

(a)  

22.

en meestal kan je ... Erasmus gaan in het buitenland om er een tijdje te studeren.

a)

op

b)

in

c)

naar