wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

2vmbo H2-Steden

Total questions: 26

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.

wat is urbanisatie

a)

verstedelijking

b)

trek naar het platteland

c)

trek naar de stad

d)

groei van de stad

2.

waarom ontstaan er krottenwijken in megasteden?

a)

er is niet genoeg ruimte voor huizen

b)

de groei van de stadsbevolking gaat heel erg snel

c)

de nieuwe stadsbewoners zijn meestal arm

d)

de plekken waar krottenwijken worden gebouwd zijn gevaarlijk

3.

wat is het Groene Hart?

a)

De groene parken in de steden

b)

de polders en weilanden tussen de grote steden van de Randstad

c)

Het midden van de Randstad

d)

De plek waar Vinex wijken staan

4.

welke stad ligt niet in de Randstad?

a)

Amsterdam

b)

Haarlem

c)

Utrecht

d)

Amersfoort

5.

De Randstad (het gebied op de foto) noemen we een ...

a)

stad

b)

agglomeratie

c)

stadsgewest

d)

stedelijk netwerk

6.

Welk begrip past? Hierdoor hebben mensen meer groen, rust en ruimte...

a)

Urbanisatie

b)

Suburbanisatie

7.

Waarin verschilt een megastad van een wereldstad?

a)

Een wereldstad is veel belangrijker dan een megastad.

b)

Geen enkele wereldstad ligt in Azië en megasteden wel.

c)

Een wereldstad heeft meer inwoners dan een megastad.

d)

Een megastad heeft meer inwoners dan een wereldstad.

8.

De meeste steden liggen in … gebieden.

A lage

a)

koude

b)

hete

c)

vlakke

d)

natte

9.

Welke drie problemen komen in alle megasteden ter wereld voor?

a)

Arme mensen wonen in slechte wijken.

b)

Er is grote sociale ongelijkheid.

c)

Er is veel werkgelegenheid in de formele sector.

d)

Er is te weinig controle van de overheid.

e)

Er is veel vervuiling en weinig natuur.

10.

Juist of onjuist?

Door urbanisatie neemt de verstedelijkingsgraad toe.

a)

Juist

b)

Onjuist

11.

Je ziet hier de groei van een stad in een arm land en een rijk land.


Welke stad ligt in een rijk land?

a)

Stad A

b)

Stad B

12.

Kies de twee juiste beweringen.

a)

1. Jonge mensen trekken vooral naar de grote steden van Nederland.

b)

1. Jonge mensen trekken vooral naar de randgebieden van Nederland.

c)

2. Vergrijzing komt vooral voor in de grote steden van Nederland.

d)

2. Vergrijzing komt vooral voor aan de randen van Nederland.

13.
Urbanisatie is:
a)
Mensen gaan in de stad wonen.
b)
Mensen gaan in een dorp wonen.
c)
Mensen verhuizen naar het buitenland.
d)
Het bouwen van een nieuwbouwwijk bij een stad.
14.
Suburbanisatie is:
a)
Mensen gaan in een stad wonen.
b)
Mensen gaan in een dorp wonen.
c)
Mensen verhuizen naar het buitenland.
d)
Het bouwen van een nieuwbouwwijk bij een stad.
15.

Een stad met miljoenen mensen en veel hoogbouw kan een ​ (a)   zijn als er meer dan tien miljoen inwoners wonen. Heeft een stad veel inwoners én veel invloed in de wereld, zoals Tokyo, dan is het een ​ (b)   . Zit meestal de regering van een land in een stad, dan noemen we het een ​ (c)   Een stad die veel groter en belangrijker is dan de tweede stad van het land, noemen we een ________. (d)  

Choose from the below words
primate city
megastad
wereldstad
hoofdstad
16.

Koppel het juiste begrip met de juist betekenis.

Categorize the following

percentage mensen van een land dat in steden woont

Groei van steden

percentage waarmee de bevol king in steden jaarlijks toeneemt

Verstedelijkingsgraad
verstedelijkingstempo
verstedelijking
17.

Het verstedelijkingstempo is hoog in rijke landen

a)

juist

b)

onjuist

18.

Het verstedelijkingsgraad is hoog in rijke landen.

a)

onjuist

b)

juist

19.

Steden in arme landen groeien snel door.... (2 antwoorden)

a)

migratie van mensen van het platteland.

b)

vestiging van bedrijven in de stad.

c)

hoge geboortecijfers.

d)

goede infrastructuur.

20.

Wat hoort er bij het begrip agglomeratie?

a)

Een stedelijk gebied van aaneengroeide dorpen en steden.

b)

Deel van een stad nabij het centrum met kantoren, winkels en uitgaansgelegenheden

c)

wijk vanaf 1990 in en vlak bij een stad voor welvarende en minder welvarende mensen

21.

Waar gaat deze tabel over?

a)

Verstedelijkingstempo

b)

Verstedelijkingsgraaf

c)

Primate City

d)

Stedelijke netwerk

22.

van welke voorziening is het verzorgingsgebied het grootst?

a)

Bakkerij

b)

Basisschool

c)

Supermarkt

d)

Bioscoop

23.

Dit is een voorbeeld van...

a)

inbreiding

b)

gentrificatie

c)

herstructurering

d)

renovatie

24.

"Door aardbevingen zijn veel huizen in Groningen beschadigd. In Loppersum worden beschadigde huizen gesloopt en nieuwe aardbevingsbestendige huizen gebouwd. "

Dit is een voorbeeld van...

a)

inbreiding

b)

herstructurering

c)

gentrificatie

d)

renovatie

25.

Dit is een voorbeeld van...

a)

inbreiding

b)

herstructurering

c)

gentrificatie

d)

renovatie

26.

Dit is een voorbeeld van...

a)

inbreiding

b)

herstructurering

c)

gentrificatie

d)

renovatie