wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Havo 4 Thema 4 Evolutie Bas 1

Total questions: 18

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

De aarde bestaat ongeveer 4,6 miljard jaar. Zet de volgende gebeurtenissen in de juiste chronologische volgorde: A. Ontstaan van de eerste meercelligen B. Ontstaan van de eerste eencelligen C. Ontstaan van de oudste fossielen met menselijke kenmerken

a)

A → B → C

b)

B → A → C

c)

A → C → B

d)

B → C → A

2.

Geef aan of de stof organisch of anorganisch is: Glucose (C6H12O6)

a)

Organisch

b)

Anorganisch

3.

Geef aan of de stof organisch of anorganisch is: Keukenzout (NaCl)

a)

Organisch

b)

Anorganisch

4.

Geef aan of de stof organisch of anorganisch is: Eiwitten

a)

Organisch

b)

Anorganisch

5.

Geef aan of de stof organisch of anorganisch is: Koolstofdioxide (CO2)

a)

Organisch

b)

Anorganisch

6.

Geef aan of de stof organisch of anorganisch is: Vetten

a)

Organisch

b)

Anorganisch

7.

Geef aan of de stof organisch of anorganisch is: Water (H2O)

a)

Organisch

b)

Anorganisch

8.

Meerkeuzevraag: Welke uitspraak over autotrofe organismen is juist? A. Ze hebben altijd andere organismen als voedsel nodig B. Ze maken organische stoffen uit CO2 en andere anorganische stoffen C. Ze kunnen geen fotosynthese uitvoeren D. Ze hebben geen bladgroen nodig om te overleven

a)

Ze hebben altijd andere organismen als voedsel nodig

b)

Ze maken organische stoffen uit CO2 en andere anorganische stoffen

c)

Ze kunnen geen fotosynthese uitvoeren

d)

Ze hebben geen bladgroen nodig om te overleven

9.

Bij welke groep hoort de eigenschap: Hebben een celkern

a)

Prokaryoten

b)

Eukaryoten

10.

Bij welke groep hoort de eigenschap: DNA ligt los in het cytoplasma

a)

Prokaryoten

b)

Eukaryoten

11.

Bij welke groep hoort de eigenschap: Hebben organellen zoals mitochondriën

a)

Prokaryoten

b)

Eukaryoten

12.

Bij welke groep hoort de eigenschap: Zijn altijd eencellig

a)

Prokaryoten

b)

Eukaryoten

13.

Een biologiestudent onderzoekt drie organismen en bepaalt het domein. Organisme A: eencellig, geen celkern, heeft ribosomen. Tot welk domein behoort dit organisme?

a)

Bacteria

b)

Archaea

c)

Eukarya

14.

Een biologiestudent onderzoekt drie organismen en bepaalt het domein. Organisme B: heeft celwanden, chloroplasten en mitochondriën. Tot welk domein behoort dit organisme?

a)

Bacteria

b)

Archaea

c)

Eukarya

15.

Een biologiestudent onderzoekt drie organismen en bepaalt het domein. Organisme C: geen celwanden, heeft wel mitochondriën en een celkern. Tot welk domein behoort dit organisme?

a)

Bacteria

b)

Archaea

c)

Eukarya

16.

Zet de volgende taxonomische eenheden in volgorde van groot naar klein: Geslacht – Stam – Soort – Klasse – Orde

a)

Stam → Klasse → Orde → Geslacht → Soort

b)

Klasse → Stam → Orde → Geslacht → Soort

c)

Geslacht → Orde → Klasse → Stam → Soort

d)

Stam → Orde → Klasse → Soort → Geslacht

17.

Een onderzoeker ontdekt een nieuwe keversoort. De kever behoort tot: Stam Geleedpotigen; Klasse Insecten; Orde Kevers; Familie Loopkevers; Geslacht Carabus. Hij wil de soort niger noemen en zijn eigen naam (Dr. Jansen) toevoegen. Schrijf de complete wetenschappelijke naam op zoals die volgens Linnaeus moet.

(a)  

18.

Een onderzoeker ontdekt een nieuwe keversoort. De kever behoort tot: Stam Geleedpotigen; Klasse Insecten; Orde Kevers; Familie Loopkevers; Geslacht Carabus. Deze keversoort is het nauwst verwant met andere soorten uit hetzelfde: A. Stam B. Klasse C. Geslacht D. Orde

a)

Stam

b)

Klasse

c)

Geslacht

d)

Orde