NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsKlas 1 periode 1
Total questions: 22
Worksheet time: 11mins
Name
Class
Date
1.
Dit is een ..
a)
Schematische tekening
b)
Natuurgetrouwe tekening
2.
Dit noem je een ..
a)
Boekenkast
b)
Reageerbuisrekje
c)
pipettenrek
3.
Hiermee kun je een vloeistof precies afmeten
a)
waar
b)
niet waar
4.
Dit is een ..
a)
maatbeker
b)
erlenmeyer
c)
bekerglas
5.
Dit is een..
a)
maatbeker
b)
erlenmeyer
c)
bekerglas
6.
Dit is een
a)
pipet
b)
maatcillinder
c)
reageerbuis
7.
Dit is een ..
a)
schematische tekening
b)
natuurgetrouwe tekening
8.
Dit is een
a)
pipet
b)
maatcillinder
c)
reageerbuis
9.
Dit is een
a)
pipet
b)
maatcillinder
c)
reageerbuis
10.
Hiermee kun je een vloeistof precies afmeten
a)
waar
b)
niet waar
11.
Dit is een
a)
schematische tekening
b)
natuurgetrouwe tekening
12.
Hiermee kun je handig een vloeistof van 100 ml afmeten
a)
waar
b)
niet waar
13.
Een brandstof wordt volledig verbrand
a)
bij een gele vlam
b)
bij een blauwe vlam
c)
bij een ruisende vlam
14.
Dit noem je een..
a)
bunsenbrander
b)
gasregelbrander
c)
gasknop
15.
Bij verbranding komen de volgende stoffen vrij
a)
zuurstof + brandstof
b)
brandstof + koolstofdioxide
c)
koolstofdioxide + energie (warmte)
16.
Voor verbranding heb je de volgende stoffen nodig
a)
zuurstof + brandstof
b)
brandstof + koolstofdioxide
c)
koolstofdioxide + energie (warmte)
17.
Deze vlam gebruik je om een vloeistof te verwarmen
a)
waar
b)
niet waar
18.
Deze vlam noem je ook wel een "pauzevlam"
a)
waar
b)
niet waar
19.
Practicumverslag: De materialenlijst schrijf je op na je onderzoeksvraag
a)
waar
b)
niet waar
20.
Dit is WEL een goede voorbeeld van een onderzoekvraag:
Groeit een plant?
Groeit een plant?
a)
waar
b)
niet waar
21.
Met de resultaten geef je antwoord op de onderzoeksvraag
a)
waar
b)
niet waar
22.
Met de conclusie geef je antwoord op de onderzoeksvraag
a)
waar
b)
niet waar
Reset
