Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H2 bewegen

Total questions: 15

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.
Uit welke onderdelen bestaat de borstkas?
a)
Ribben, borstbeen en borstwervels
b)
Borstwervels, halswervels en ribben
c)
Ribben, borstbeen en middenrif
d)
Sleutelbeen, schouderblad en ribben
2.
Het heiligbeen en staartbeen zijn met elkaar verbonden via een ...
a)
Vergroeiing
b)
Naadverbinding
c)
Gewricht
d)
Kraakbeenverbinding
3.
De botten in je vingertopjes noem je ...
a)
Handwortelbeentjes
b)
Middenhandsbeentjes
c)
Vingerkootjes
d)
Topbotjes
4.
De lendenwervels bevinden zich boven de borstwervels in de wervelkolom
a)
Niet waar
b)
Waar
5.
Op welke manier maakt je skelet beweging mogelijk?
a)
Doordat de botten langs elkaar schrapen als je sport
b)
Doordat je spieren aan de botten vastzitten 
c)
Doordat je botten veel energie bevatten
d)
Doordat je skelet bestaat uit kraakbeen en kraakbeen is beweeglijk
6.
Lijmstof zorgt ervoor dat je botten hard en sterk zijn.
a)
Waar
b)
Niet waar
7.
De dubbele S-vorm zorgt voor
a)
Stevigheid
b)
Het opvangen van schokken
c)
Het beknellen van zenuwen
d)
Snellere beweging
8.
Het wervelgat van je wervelkolom bevat ...
a)
spieren
b)
zenuwen
c)
bot
d)
gewrichten
9.
Deze beer is een ...
a)
Teenganger
b)
Zoolganger
c)
Hoefganger
d)
Pootganger
10.
Een naadverbinding kun je vinden bij je schedel en deze verbinding is beweeglijk.
a)
Geheel waar
b)
Geheel niet waar
c)
Wel bij de schedel, niet beweeglijk
d)
Niet bij de schedel, wel beweeglijk
11.
Een gewrichtsknobbel is een onderdeel van het bot.
a)
Waar
b)
Niet waar
12.
Kies de juiste stelling:
Gewrichtssmeer wordt aangemaakt door het bot.
Door gewrichtssmeer kan het gewricht soepel bewegen.
a)
Beide stellingen zijn waar
b)
Beide stellingen zijn niet waar
c)
Alleen eerste stelling is waar
d)
Alleen de tweede stelling is waar
13.
De meniscus vindt je bij je elleboog en bestaat uit gewrichtssmeer.
a)
Wel bij de elleboog, bestaat niet uit gewrichtssmeer.
b)
Niet bij de elleboog, bestaat niet uit gewrichtssmeer.
c)
Wel bij de elleboog, bestaat wel uit gewrichtssmeer.
d)
Niet bij de elleboog, bestaat wel uit gewrichtssmeer.
14.
De verbinding tussen je ellepijp en opperarmbeen is een ...
a)
Kraakbeenverbinding
b)
Scharniergewricht
c)
Kogelgewricht
d)
Rolgewricht
15.
Waar in je lichaam kun je een eivormig gewricht vinden?
a)
In je enkel
b)
In je nek
c)
In je vingers
d)
In je schouder