Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Definities hygiëne

Total questions: 17

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Gebeurt bij een temperatuur > 100 ° C

a)

Steriliseren

b)

Pasteuriseren

c)

Desinfecteren

2.

Past men vooral toe bij vloeistoffen, men verwarmt gedurende 30 minuten op 60 ° C

a)

Sublimeren

b)

Vriesdrogen

c)

Pasteuriseren

3.

Gebeurt bij een temperatuur van 1° tot 3 ° C Het remt de bacteriële groei, maar doodt de bacteriën niet

a)

Koelen

b)

Vriesdrogen

c)

Sublimeren

4.

Gebeurt bij een temperatuur < - 18 ° C De bewaartijd wordt hierdoor verlengd tot maximum 1 jaar

a)

Vriesdrogen

b)

Diepvriezen

c)

Sublimeren

5.

Stoffen die men tijdens de productie toevoegt om de kwaliteit van producten te verbeteren

a)

Contaminanten

b)

Additieven

c)

Nitrieten

6.

Elke stof die niet opzettelijk aan een voedingsmiddel werd toegevoegd, maar er toch aanwezig is

a)

Additief

b)

Contaminant

c)

Antioxidant

7.

Het verwijderen van los of aangekleefd vuil van oppervlakten en voorwerpen. Dit is visueel controleerbaar en gemakkelijk uitvoerbaar

a)

Desinfecteren

b)

Reinigen

c)

Steriliseren

8.

Het doden en sterk verminderen van micro organismen via chemische producten

a)

Desinfecteren

b)

Pasteuriseren

c)

Reinigen

9.

Bereiden, koelen, enkele dagen bewaren, heropwarmen en opdienen, noemen we de ontkoppelde bereiding of de ...

a)

Koude keten

b)

Warme keten

c)

Koude keuken

10.

Een systeem waarbij de eerst geleverde producten als eerste gebruikt worden.

a)

Fifo : first in first out

b)

Lifo : last in first out

c)

Fefo : first expired first out

11.

Een systeem waarbij de producten waarvan de houdbaarheidsdatum bijna verstreken is, als eerste gebruikt worden.

a)

Fifo : first in first out

b)

Lifo : last in first out

c)

Fefo : first expired first out

12.

Een situatie waarbij vuile en propere producten met elkaar in contact komen, waardoor een besmetting kan optreden.

a)

Allergenen besmetting

b)

Additieven besmetting

c)

Kruisbesmetting

13.

Het heropwarmen van gekoelde bereide gerechten.

a)

Regenereren

b)

Warme keten

c)

Vacuüm koken

14.

De mogelijkheid om een product doorheen alle stadia van de productie, verwerking en distributie te volgen

a)

Openbaarheid

b)

Traceerbaarheid

c)

Klaarheid

15.

Zintuiglijk, wat kleur, geur, smaak, textuur, aroma en uitzicht betreft

a)

Organoleptisch

b)

Toxisch

c)

Fotografisch

16.

Het warm bereiden van grondstoffen en de gerechten onmiddellijk warm serveren, noemen we de gelijktijdige bereiding of de ....

a)

Koude keten

b)

Warme keten

c)

Constante keten

17.

De temperatuur gemeten in het midden van een product, vloeistof of bereiding

a)

Basistemperatuur

b)

Minimum temperatuur

c)

Kerntemperatuur