wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Mens en Milieu bs 1,2,3

Total questions: 35

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.
Welke soorten milieuproblemen zijn er?
a)
Vervuiling en uitputting
b)
Vervuiling en aantasting
c)
Vervuiling, uitputting en aantasting
d)
Vervuiling, aanputting en uittasting
2.
Welk begrip? "Milieuprobleem waarbij niets in het milieu wordt vervuild of weggehaald, maar het milieu wel verandert"
a)
Aantasting
b)
Vervuiling
c)
Uitputting
d)
Versnippering
3.
Welk begrip? "Het aantal verschillende soorten planten en dieren in een gebied".
a)
Biodiversiteit
b)
Ecologische hoofdstructuur
c)
Biologie
d)
Ecoduct
4.
Wat is geen voorbeeld van een fossiele brandstof? 
a)
Steenkool
b)
Aardolie
c)
Aardgas
d)
Zonne-energie
5.
Waarom moet er in de toekomst worden overgegaan op andere energiebronnen? 
a)
Fossiele brandstoffen worden te duur
b)
Fossiele brandstoffen dreigen op te raken
c)
Door de winning van fossiele brandstoffen zijn er steeds meer aardbevingen.
6.
Waardoor wordt het broeikaseffect versterkt?
a)
Door de uitstoot van broeikasgassen door fabrieken
b)
Doordat er steeds meer auto's op de weg zijn
c)
Door verbranding van fossiele brandstoffen
d)
Alle antwoorden zijn goed
7.
Wat is geen voorbeeld van een fossiele brandstof? 
a)
Steenkool
b)
Aardolie
c)
Aardgas
d)
Zonne-energie
8.
Wat is duurzame energie?
a)
Energie die duur is, je betaalt er veel geld voor
b)
Energie uit wind, zon of water en dus minder vervuilend
c)
Energie uit fossiele brandstoffen en dus minder vervuilend
d)
Energie uit fossiele brandstoffen en dus zeldzaam is
9.
Welke fossiele brandstof is uit plankton uit de zee ontstaan?
a)
Aardgas
b)
Steenkool
c)
Benzine
d)
Aardolie
10.
Wat is het belangrijkste broeikasgas?
a)
aardgas
b)
methaangas
c)
CO2
d)
Broeigas
11.
Steenkool, aardgas en aardolie zijn.......brandstoffen.
a)
Natuurlijk
b)
Groene
c)
Oneindige
d)
Fossiele
12.

Zonne-energie en windenergie zijn.... energiebronnen.

a)

Dure

b)

Duurzame

c)

Radioactieve

d)

Nieuwe

13.
.....zet zonlicht om in elektriciteit.
a)
Zonnecollector
b)
Zonnepanelen
14.
Houtsnippers, frituurvet, mest en plantenresten zijn voorbeelden van
a)
Biomassa
b)
Aardwarmte
c)
Fossielen
d)
Groene energie
15.
Bio-ethanol wordt gebruikt als brandstof, gemaakt van....
a)
Fossiele brandstof
b)
Graan
c)
Olie
d)
Suikerriet
16.
aardolie, aardgas en steenkool zijn fossiele brandstoffen.
a)
juist
b)
fout
17.
fossiele brandstoffen zijn brandstoffen die altijd voorradig zijn.
a)
fout
b)
juist
18.
Wat is een voordeel van fossiele brandstoffen
a)
Het is oneindig beschikbaar
b)
Het is goedkoop
c)
Het geeft geen afval
d)
Het is goed voor het milieu 
19.

Wat zijn fossiele brandstoffen?

a)

hele oude brandstoffen

b)

brandstoffen uit dode planten en dieren

c)

brandstoffen uit zand en steen

d)

brandstoffen uit gas

20.

wat bedoelen we met duurzame energie?

a)

dat is slecht tegen het mileu

b)

dat er weinig van is op aarde

c)

dat we er weinig van gebruiken

d)

dat het nooit op kan raken

21.

waardoor komen de aardbevingen in groningen?

a)

door de winning van aardgas

b)

door het opgraven van steenkool

c)

door platen die bewegen

d)

door een hotspot

22.

Waar wordt aardolie opgehaald?

a)
b)
c)
d)
23.

Welke grondstof is nodig om kern-energie te maken?

a)

steenkool

b)

meststof

c)

uranium

24.

Welk nadeel past bij kern-energie?

a)

Het omzetten van afval naar energie kost veel geld. De installaties zijn duur.

b)

Je hebt snelstromend water nodig om voldoende energie op te wekken.

c)

Bij radioactieve straling is schadelijk voor de mens. Het afval wordt opgeslagen omdat er geen gepaste verwerking gekend is.

25.

Waar of niet waar?

Aardolie is ontstaan uit resten van planten en dieren.

a)

Waar

b)

Niet waar

26.

Welke brandstof wordt afgebeeld?

a)

bio-massa

b)

steenkool

c)

uranium

27.

Zonne-energie wordt omgezet naar ...

a)

stromend water

b)

elektriciteit

c)

gas om te koken

28.

Vandaag stond dit in de krant:

"Kernreactor Doel 4 heropgestart, vroeger dan voorzien"

Over welke energiebron spreekt men hier?

a)

Zonne-energie

b)

Windturbines in de Schelde

c)

Kern-energie

29.

Uitputbaar wil zeggen

a)

Dat de energiebronnen niet opraken

b)

Dat de zon de energie opwekt

c)

Dat de energiebronnen opraken

d)

Dat de energie recyclebaar is

30.
Wat zijn de gevolgen van het versterkt broeikaseffect?
a)
overstromingen, stijging van de zeespiegel, extreme weersomstandigheden 
b)
grotere gebergtes, meer aardbevingen, veel regen
c)
veel regen, meer begroeiing, meer ijs- en sneeuw op de polen
31.
Bij het versterkt broeikaseffect komen er minder/meer broeikasgassen in de lucht
a)
Minder
b)
Meer
32.

Hoe heet de luchtlaag rond de aarde?

a)

dampkring

b)

hemel

c)

heelal

d)

atmosfeer

33.

Waarom zijn broeikasgassen belangrijk?

a)

ze zorgen voor gezonde lucht

b)

ze zorgen ervoor dat de temperatuur op aarde niet te laag is

c)

ze zorgen ervoor dat de temperatuur op aarde niet te hoog is

34.

Wat is het gevolg van het versterkte broeikaseffect?

a)

de temperatuur op aarde daalt

b)

de temperatuur op aarde stijgt

35.

Wat zijn de belangrijkste broeikasgassen?

a)

zuurstof

b)

waterdamp

c)

CO2

d)

warmte