wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Bronnen van energie H1 Energie in Nederland

Total questions: 25

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

Welke stelling is juist over energiebronnen?

a)

Aardgas, aardolie en steenkool zijn secundaire energiebronnen

b)

Primaire energiebronnen zijn bronnen in hun natuurlijke vorm

2.

Wat zijn thermische centrales?

a)

Een elektriciteitscentrale waar elektriciteit wordt opgewekt met stoom van water dat verhit wordt door verbranding van aardgas, steenkool of aardolie.

b)

Een elektriciteitscentrale waar elektriciteit wordt opgewekt met waterkracht.

c)

Een elektriciteitscentrale waar elektriciteit wordt opgewekt met stoom van water dat verhit wordt door resten van planten (houtresten, groenteafval, tuinafval etc.)

3.

Energiebronnen die je maar één keer kan gebruiken zijn (twee antwoorden zijn juist):

a)

vernieuwbare energiebronnen

b)

grijze energie

c)

vernieuwbare energiebronnen

d)

duurzame energie

4.

Duurzame energie is hetzelfde als groene energie

a)

Juist

b)

Onjuist

5.

Welke kenmerken horen bij duurzame energie? (Meerdere antwoorden zijn goed)

a)

Raken nooit op

b)

Veel uitstoot van CO2

c)

Vooral rijke landen produceren duurzame energie

d)

Aardwarmte is een vorm van duurzame energie

6.

Welke energiebronnen zijn duurzaam?

a)

De zon

b)

Wind

c)

Kernenergie

d)

Stromend water

e)

Aardwarmte

7.

Primaire energiebronnen worden alleen gebruikt wordt het produceren van elektriciteit en heet water.

a)

Juist

b)

Onjuist

8.

Aardolie is geen fossiele brandstof, omdat er geen fossielen in te zien zijn.

a)

juist

b)

onjuist

9.

Welke omstandigheden zijn er nodig om steenkool te laten ontstaan?

a)

Warm en vochtig klimaat met veel plantengroei

b)

Water waarin dode planten in terecht kunnen komen

c)

Druk en temperatuur

d)

Veel tijd

10.

Welk proces over het ontstaan van steenkool is juist?

a)

veen > turf > bruinkool > steenkool

b)

planten > turf > veen > bruinkool > steenkool

c)

turf > veen > steenkool > bruinkool

d)

planten > veen > turf > steenkool > bruinkool

e)

planten > veen > turf > bruinkool > steenkool

11.

Welke uitspraak is juist?

a)

Aardgas kan alleen ontstaan uit steenkoollagen

b)

Aardolie ontstaat uit steenkool

c)

Aardolie ontstaat uit plankton

d)

Steenkool is vroeger plankton geweest

12.

Welke voorwaarden zijn noodzakelijk voor het bestaan van aardgas in de bodem?

a)

Er moet een laag steenkool of aardolie zijn.

b)

Er moet een ondoordringbare laag zijn, bijvoorbeeld zand.

c)

Er moet een ondoordringbare laag zijn, bijvoorbeeld klei.

d)

Het ontstaat alleen waar nu een zee is.

13.

Steenkool, aardolie en aardgas leveren een bepaald percentage van de wereldwijde energie. Hoeveel procent is dat ongeveer? (1.2)

a)

40 %

b)

60%

c)

80%

d)

100%

14.

De meeste olie wat in Nederland wordt gebruikt is afkomstig uit:

a)

Schoonebeek (Drenthe)

b)

bodem van de Noordzee

c)

het buitenland (o.a. Rusland, Saudi-Arabië)

15.

Naast de voordelen van de winning van aardgas in Slochteren (Groningen) zijn er ook nadelen. Welke onderstaande gevolgen zijn ontstaan door de gaswinning?

a)

Bodemdaling

b)

Bodemstijging

c)

Aardbevingen

d)

Huizen worden minder waard

e)

door schachtbouw storten nu tunnels in

16.

Welke afbeelding laat dagbouw zien?

a)
b)
17.

Sinds 2007 boort de NAM naar aardgas onder de Waddenzee. De regering heeft hierbij strenge regels opgesteld. Waarom?

a)

Om verzakking van huizen te voorkomen.

b)

Vanwege de drukke scheepvaart op de Waddenzee.

c)

De Waddenzee is beschermd natuurgebied.

d)

Om te voorkomen dat andere landen hier ook gaan boren

18.

Ook in Nederland zit steenkool in de grond. Toch wordt er sinds enkele tientallen jaren geen steenkool meer gewonnen, vanwege een economische reden. Wat was deze economische reden?

a)

Er waren niet genoeg medewerkers.

b)

De schachtbouw was slecht voor het milieu.

c)

Het ligt op grote diepte en is daarom te duur om naar boven te halen.

d)

De Nederlandse regering stopte met de winning van steenkool, omdat dit een afspraak was in het klimaatverdrag van Kyoto in 1997.

19.

In Canada wordt olieproducten gewonnen uit teerzanden. Teerzand zijn afzettingen van zand en bitumen (olie). Het is erg duur om hier olieproducten uit te halen en ook heeft het grote invloed op het milieu. Toch wordt het gedaan. Waarom is het toch interessant om olie te winnen uit teerzand?

a)

Het is minder vervuilend dan olie uit de grond pompen.

b)

Bij de winning van deze olie komt geen CO2 vrij.

c)

Als de olieprijzen hoog genoeg zijn, kan er geld mee worden verdiend.

d)

Naast olie is ook het zand erg waardevol.

20.

Welke foto laat een offshore windpark zien?

a)
b)
c)
d)
21.

Welke stellingen zijn juist over duurzame energie?

a)

Kernenergie is een voorbeeld van duurzame energie.

b)

Zonnecollectoren en zonnepanelen werken op dezelfde manier. Ze wekken beiden elektriciteit op.

c)

Een ander woord voor aardwarmte is geothermische energie.

d)

Biomassa is duurzaam, omdat bij verbranding CO2 van nu wordt uitgestoten. Er komt geen extra CO2 in de lucht wat wel bij fossiele brandstoffen het geval is.

22.

In Nederland wordt geen gebruik gemaakt van waterkracht. Waarom niet?

a)

Nederland heeft te weinig rivieren.

b)

Waterkracht is te duur voor Nederland.

c)

Nederland heeft te weinig reliëf.

d)

In Nederland regent het te weinig, waardoor er te weinig water is voor een waterkrachtcentrale.

23.

Ondanks de vele voordelen van duurzame energie wordt niet alle stroom duurzaam geproduceerd. Waarom niet (meerdere antwoorden zijn juist)?

a)

Er zijn niet genoeg duurzame bronnen om energie uit op te wekken.

b)

Er is nauwelijks vervuiling.

c)

De productie van energie is niet altijd zeker.

d)

Het is duurder dan fossiele brandstoffen.

e)

Duurzame energiebronnen leveren nog te weinig energie.

24.

Wat is een warmtekrachtkoppeling?

a)

De mogelijkheid om warmte en elektriciteit gelijktijdig op te wekken

b)

De mogelijkheid om water van 11 graden Celsius uit de grond om te zetten naar 30 graden Celsius.

c)

Een elektriciteitscentrale waarbij energie wordt opgewekt door middel van aardwarmte.

25.

Wat is de betekenis van bovenstaande afbeelding?

a)

Je kan aan dit label zien hoeveel energie een elektriciteitscentrale produceert.

b)

Je kan aan dit label zien hoe duurzaam een elektriciteitscentrale is.

c)

Dit label geeft informatie over hoe duurzaam een apparaat is.

d)

Dit label geeft informatie over het energieverbruik van een apparaat.