WorksheetsVerbanden en signaalwoorden H3
Total questions: 30
Worksheet time: 3600secs
Van welk verband is er sprake als zaken achter elkaar worden opgenoemd?
opsommend
chronologisch
tegenstellend
toelichtend
Van welk verband is er sprake als er gebeurtenissen in de juiste tijdsvolgorde worden beschreven?
opsommend
chronologisch
toelichtend
tegenstellend
Van welk verband is er sprake als er extra informatie bij een onderwerp gegeven wordt?
opsommend
chronologisch
toelichtend
tegenstellend
Welk signaalwoorden zijn voorbeelden van een chronologisch verband?
vroeger, later, nu
bijvoorbeeld, zo, zoals
tegenover, daarentegen, maar
ook, eveneens, tevens
Welke signaalwoorden horen bij een tegenstellend verband?
tegenover, daarentegen, ofschoon
bijvoorbeeld, denk aan, neem nou
allereerst, dadelijk, intussen
verder, ten eerste, dus
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Hoewel Marit niet had geleerd voor het examen, haalde ze toch een voldoende.
tegenstellend
opsommend
toelichtend
chronologisch
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin? Ik geniet graag van goede muziek. Verder ben ik een liefhebber van films.
opsommend
toelichtend
tegenstellend
chronologisch
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Ik heb een grote verzameling postzegels, zoals een beroemde serie Nederlandse kunstzegels.
toelichtend verband
opsommend verband
tegenstellend verband
chronologisch verband
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin? Voordat ik naar een feest ga, trek ik mijn mooiste kleren aan.
chronologisch
opsommend
toelichtend
tegenstellend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Ik heb een mooie fiets gezien die ik graag wil kopen, maar ik heb geen geld.
tegenstellend
opsommend
chronologisch
toelichtend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Ik ga even naar de bakker voor brood en ontbijtkoek.
opsommend
chronologisch
tegenstellend
toelichtend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Ik heb echt geen zin om mijn proefwerk te leren, toch ga ik aan de slag.
tegenstellend
chronologisch
toelichtend
opsommend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Voordat ik morgen naar de kapper ga, doe ik eerst mijn wekelijkse boodschappen.
chronologisch
tegenstellend
toelichtend
opsommend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Ik had een leuk baantje, maar daar heb ik geen tijd meer voor.
tegenstellend
chronologisch
toelichtend
opsommend
Welk signaalwoord hoort niet bij een opsommend verband?
ook
bovendien
omdat
om te beginnen
Welk signaalwoord hoort niet bij een tegenstellend verband?
daarentegen
toch
maar
mits
Welk signaalwoord hoort niet bij een chronologisch verband?
later
eerst
ten eerste
intussen
Welk signaalwoord hoort niet bij een toelichtend verband?
neem nou
verder
denk aan
bijvoorbeeld
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Een Amerikaan die al 15 jaar vastzat, is vrijgelaten nadat zijn broer de moord opbiechtte.
chronologisch
tegenstellend
opsommend
toelichtend
Welk verband geeft het onderstaande signaalwoord aan?
toen
chronologisch
tegenstellend
opsommend
toelichtend
Welk verband geeft het onderstaande signaalwoord aan?
dadelijk
chronologisch
tegenstellend
toelichtend
opsommend
Welk verband geeft het onderstaande signaalwoord aan?
ook (nog)
opsommend
tegenstellend
toelichtend
chronologisch
Welk verband geeft het onderstaande signaalwoord aan?
om te beginnen
opsommend
chronologisch
toelichtend
tegenstellend
Welk verband geeft het onderstaande signaalwoord aan?
ten eerste
opsommend
tegenstellend
toelichtend
chronologisch
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Mijn moeder maakt graag Italiaanse gerechten, zoals pasta.
toelichtend
tegenstellend
chronologisch
opsommend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Hoewel hij niet veel geld heeft, leidt hij een gelukkig leven.
tegenstellend
opsommend
chronologisch
toelichtend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Ondanks dat het veld doorweekt was, trainde het Nederlands elftal gewoon verder.
tegenstellend
chronologisch
opsommend
toelichtend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Nadat mijn vader mij gebeld had, had ik het pakketje weggebracht.
chronologisch
toelichtend
tegenstellend
opsommend
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Ik kan goed voetballen, desondanks moet ik de wedstrijd op de bank beginnen.
tegenstellend
toelichtend
opsommend
chronologisch
Van welk verband is sprake in de onderstaande zin?
Vroeger was hij altijd bereikbaar.
chronologisch
tegenstellend
toelichtend
opsommend
