wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

1e klas - le passé composé

Total questions: 15

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Om een passé composé te maken heb je nodig:

a)

een vorm van het werkwoord gaan + een heel werkwoord

b)

een hulpwerkwoord + een voltooid deelwoord

c)

een vorm van het werkwoord gaan + een voltooid deelwoord

d)

een hulpwerkwoord + een heel werkwoord

2.

De meeste werkwoorden in het Frans hebben als hulpwerkwoord:

a)

être

b)

avoir

3.

Kies het juiste antwoord: Tom ... le match. (heeft gewonnen)

a)

a gagné

b)

as gagné

c)

a encouragé

d)

as encouragé

4.

Kies het juiste antwoord: Nous ... au match du foot. (hebben meegedaan)

a)

avez commencé

b)

avons commencé

c)

avons participé

d)

avez participé

5.

Vertaal het ww. en zet in de PC: J'... à Paris. (zijn)

(a)  

6.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Emma et Julia ... du tennis. (doen)

(a)  

7.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Tu ... un cadeau? (hebben)

(a)  

8.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Les filles ... dans la classe. (zingen)

(a)  

9.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Vous ... dans un restaurant? (eten)

(a)  

10.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Hier soir, nous ... un jeu. (spelen)

(a)  

11.

Vertaal het ww. en zet in de PC: L'année dernière, j'... Londres avec ma famille. (bezoeken / bezichtigen)

(a)  

12.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Elle ... une nouvelle jupe. (dragen)

(a)  

13.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Les garçons ... pendant le week-end. (voetballen)

(a)  

14.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Tu ... à Rotterdam? (wonen)

(a)  

15.

Vertaal het ww. en zet in de PC: Elle ... le garçon. (houden van)

(a)