wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Disk Toekomst A2

Total questions: 20

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.
Wat is de bevolking?
a)
Mensen die in een vol huis wonen.
b)
Mensen die in een bepaald gebied wonen.
c)
Mensen die iets verkeerd doen.
d)
Mensen die verhuisd zijn.
2.
Wat is zijn beroep?
a)
Schrijver
b)
Advocaat
c)
Automonteur
d)
Timmerman
3.
Als iemand contact met je kan zoeken, ben je
a)
bereikbaar
b)
mobiel
c)
opgeladen
d)
online
4.
Het is definitief als
a)
Hij sterk is.
b)
Het waar is.
c)
Het niet meer kan veranderen.
d)
Hij het woord kent.
5.
Wat is geen eigenschap?
a)
Ik ben vriendelijk.
b)
Ik ben ziek.
c)
Ik ben flexibel.
d)
Ik ben zelfstandig.
6.
Hij is .........
a)
Springblij
b)
Keiblij
c)
Gekblij
d)
Dolblij
7.
Gelderland is een
a)
provincie
b)
plaats
c)
stad
d)
hoofdstad
8.
Welk woord is goed?
a)
aanpassen
b)
de rust
c)
opgeven
d)
het verzoek
9.
Ik kom straks. Dat betekent:
a)
Ik kom volgende week.
b)
Ik kom over tien minuten.
c)
Ik kom nooit.
d)
Ik kom elke dag.
10.
Hij kijkt.....
a)
boos
b)
emotie
c)
verbaasd
d)
verzoek
11.
Als iemand jarig is, kan je hem
a)
feliciteren
b)
feciliteren
12.
Groen is....
a)
positief
b)
negatief
13.
Hij is te laat, hij moet zich ........ bij de conciërge.
a)
brieven
b)
zeggen
c)
melden
d)
roepen
14.
Hij wil meedoen met de voetbalwedstrijd. Hij moet zich........
a)
zetten
b)
hoeven
c)
afnemen
d)
opgeven
15.
Dit is een..........
a)
villa
b)
wild
c)
verzoek
d)
viller
16.
Dit is mijn nieuwe slaapkamer. Waar zal ik de kast ..........
a)
zetten
b)
liggen
c)
onderop
d)
leggen
17.
De vraag om iets te doen of juist niet te doen.
a)
de verzaak
b)
het verzoek
c)
het paar
d)
de vraag
18.
Deze dieren zijn een ............
a)
tweetal
b)
paar
c)
getrouwd
d)
samen
19.
Het rode boek ligt .........
a)
bovenop
b)
middenin
c)
onderop
d)
ondertussen
20.
Het bruine boek ligt
a)
midden
b)
onderop
c)
bovenop
d)
tussendoor