NEW
Font size
WorksheetsLijdend en meewerkend voorwerp
Total questions: 17
Worksheet time: 9mins
Heeft jullie hond een stamboom?
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Nee hoor, hij plast gewoon tegen elke boom die hij ziet.
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Een eendagsvlieg vliegt door het bos.
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Ze kan nog net een spinnenweb ontwijken.
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
"Wacht maar!" schreeuwt de spin hem na.
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
"Morgen krijg ik je wel."
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
"Wedden van niet," roept de eendagsvlieg terug.
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Een oudere vrouw vraagt aan een jongen op straat: "Hou oud ben je?"
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
De jongen antwoordt: "Negen jaar."
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
"Aha! En wat wil je later graag worden?"
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
"Tien jaar", zegt de jongen.
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Waarom ligt een haas zo snel in bed?
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Hij hoeft maar twee tanden te poetsen.
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Hij zegt: "Wie zichzelf dom vindt, gaat staan."
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Na enkele minuten ... Tim staat recht.
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
De leraar vraagt aan Tim: "Denk je echt dat je dom bent?"
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
Tim antwoordt: "Neen, maar ik vond het zo zielig dat u de enige was die rechtstaat!"
onderwerp
persoonsvorm
lijdend voorwerp
meewerkend voorwerp
