wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

vertering algemeen

Total questions: 20

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.
Dit doodt bacteriën. 
a)
Alvleessap
b)
Gal
c)
Maagzuur
d)
Darmsap
2.

Hoe heet orgaan 11?

a)

lever

b)

maag

c)

alvleesklier

d)

Twaalfvingerige darm

3.

Hoe heet orgaan 7?

a)

Dikke darm

b)

Dunne darm

c)

Endeldarm

d)

Twaalfvingerige darm

4.

Hoe heet orgaan 9?

a)

Dikke darm

b)

Dunne darm

c)

Endeldarm

d)

Twaalfvingerige darm

5.
Hier wordt de voedselbrij ingedikt.
a)
Dikke darm
b)
Dunne darm
c)
Twaalfvingerige darm
6.
Deze darm bevat darmvlokken.
a)
Dikke darm
b)
Dunne darm
c)
Twaalfvingerige darm
7.
Welk orgaan maakt alvleessap?
a)
5
b)
6
c)
7
d)
8
8.
Welk orgaan maakt gal?
a)
5
b)
6
c)
7
d)
8
9.

Een kat slikt een brokje door. Welke va de onderstaande organen komt dit voedingsmiddel het eerste tegen?

a)

Dunne darm

b)

Maag

c)

Twaalvingerige darm

d)

Dikke darm

10.

Zie afbeelding (gif). Welke bewegingen die de lengte- en kringspieren afwisselend in de darmwand maken, worden hier afgebeeld?

a)

Periscopische beweging

b)

Statische beweging

c)

Peristaltische beweging

11.

Welke functie kunnen voedingsstoffen hebben? (meerdere antwoorden mogelijk)

a)

bouwstof

b)

reservestof

c)

brandstof

d)

beschermende stof

12.

Welk orgaan is nummer 2?

(a)  

13.

Welk orgaan is nummer 6?

(a)  

14.

Welk Orgaan is nummer 14?

(a)  

15.

Welk onderdeel van het spijverteringsstelsel is aangegeven met letter a?

(a)  

16.

In welk orgaan worden voedingsstoffen in het bloed opgenomen?

a)

Maag

b)

Twaalfvingerige darm

c)

Dunne darm

d)

Dikke darm

17.

Welk orgaan breekt schadelijke stoffen af?

a)

Maag

b)

Dikke darm

c)

Lever

d)

Alvleesklier

18.

Wat zijn functies van het spijsverteringsstelsel? (meerdere antwoorden mogelijk)

a)

De opname van voeding van buiten het lichaam naar in het lichaam van het dier

b)

De verwerking van voeding tot opneembare voedingsstoffen

c)

Het transport van voedsel, verteringsproducten, voedingsstoffen en reststoffen door het lichaam

d)

Het maken van urine

e)

De uitscheiding van onbruikbare verteringsproducten

19.

Wat zorgt ervoor dat de vertering sneller en soepeler verloopt?

a)

verteringsklieren

b)

verteringssappen

c)

peristaltiek

20.

Waarmee zijn de wanden van de organen in het verteringsstelsel bekleed?

(a)