wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Grammatica enkelvoudige en samengestelde zinnen; havo2

Total questions: 12

Worksheet time: 27mins

Name
Class
Date
1.

Hoeveel persoonsvormen heeft de volgende zin? De leerlingen uit A3C moeten morgenochtend nakomen, omdat ze zich gisteren niet gemeld hebben bij de conciërge.

a)

3; moeten, nakomen, hebben

b)

2; moeten, hebben

c)

1; moeten

d)

4; moeten, nakomen, gemeld, hebben

2.

Een zin met meerdere persoonsvormen noem je ook wel een:

a)

enkelvoudige zin

b)

ingewikkelde zin

c)

samengestelde zin

d)

hoofdzin

3.

Waar of niet waar? Bij een hoofdzin staan onderwerp en persoonsvorm naast elkaar; er passen (bijna nooit) andere zinsdelen tussen.

a)

niet waar

b)

waar

c)

gedeeltelijk waar

4.

Is de volgende zin een enkelvoudige of samengestelde zin? De GGD heeft het contactonderzoek op onze school goed uitgevoerd.

a)

enkelvoudige zin

b)

samengestelde zin

c)

geen van beide

5.

Is de volgende zin een enkelvoudige of samengestelde zin? Studerende en werkende jongeren gaan steeds later het huis uit, omdat ze een eigen appartement of huis niet kunnen betalen.

a)

enkelvoudige zin

b)

samengestelde zin

6.

Hoeveel persoonsvormen heeft deze zin? Studerende en werkende jongeren gaan steeds later het huis uit, omdat ze een eigen appartement of huis niet kunnen betalen.

a)

1; gaan

b)

2; gaan, betalen

c)

2; gaan, kunnen

d)

3; gaan, kunnen, betalen

7.

Waar of niet waar? In een bijzin kunnen tussen onderwerp en persoonsvorm wel andere zinsdelen staan (bijvoorbeeld het woordje 'niet').

a)

waar

b)

niet waar

c)

gedeeltelijk waar

8.

Waar bestaat de volgende zin uit? Ik ga een nieuwe telefoon kopen, want mijn oude is kapot.

a)

hoofdzin

b)

bijzin + hoofdzin

c)

hoofdzin + hoofdzin

d)

hoofdzin + bijzin

9.

Waar bestaat de volgende zin uit? Omdat mijn oude telefoon kapot is, ga ik nu een nieuwe kopen.

a)

hoofdzin + hoofdzin

b)

bijzin + hoofdzin

c)

hoofdzin + bijzin

d)

bijzin + hoofdzin + hoofdzin

10.

Waar bestaat de volgende zin uit? Remco ruimt zijn kamer niet op, want hij is boos, omdat zijn broertje er een bende van heeft gemaakt.

a)

bijzin + bijzin + hoofdzin

b)

hoofdzin + bijzin

c)

hoofdzin + hoofdzin + bijzin

d)

bijzin + hoofdzin + hoofdzin

11.

Geef aan of de zin enkelvoudig of samengesteld is. Volgens sommige theorieën is de oudste van het gezin de slimste, maar dat is achterhaald.

a)

enkelvoudig

b)

samengesteld

12.

Geef aan of de zin enkelvoudig of samengesteld is. Soms komt een deel van de opvoeding neer op de oudste van het gezin.

a)

enkelvoudige zin

b)

samengestelde zin