Font size
WorksheetsHAVO - Conjunctuur 2
Total questions: 10
Worksheet time: 11mins
Als de effectieve vraag sneller toeneemt dan de trendmatige groei is er sprake van hoogconjunctuur.
Juist
Onjuist
De effectieve vraag kan worden weergegeven als:
C + S + B
C + I + O + E - M
(S-I) + (B-O) - (E-M)
Een variabele die met de conjunctuurcylus meebeweegt kan worden beschreven als
Pro-cyclisch
Anti-cyclisch
Werkloosheid die ontstaat door dat de bestedingen afnemen kan worden omschreven als
conjuncturele werkloosheid
structurele werkloosheid
frictie werkloosheid
De werkloosheid is een anti-cyclische variabele
Juist
Onjuist
Welk van onderstaande stellingen is juist?
1 In een hoogconjunctuur verslechtert vaak het overheidssaldo
2 Als uitkeringen net zo snel stijgen als de inflatie dan noemt men dat 'waardevast'
1 is juist, 2 is onjuist
1 is onjuist, 2 is juist
Beiden juist
Beiden onjuist
In een laagconjunctuur nemen de inkomsten uit BTW en Accijnzen voor de overheid toe.
Juist
Onjuist
REKENEN
Stel dat het bbp daalt met 3,5% terwijl de inflatie 2,3% bedraagt.
Met hoeveel procent verandert het reële bpp?
-1,20%
-5,67%
-5,80%
+ 6,01 %
De werkloosheid daalt meestal in een tijd van hoogconjunctuur, maar niet altijd.
In welk geval stijgt de werkloosheid, terwijl de reële productie groeit?
De gemiddelde arbeidsproductiviteit is sneller gestegen dan de reële productie
De gemiddelde arbeidsproductiviteit stijgt even snel als de reële productie
De gemiddelde arbeidsproductiviteit is minder snel gestegen dan de reële productie
In welke situatie is de nominale rente gelijk aan de reële rente?
Als de nominale rente hoger is dan de inflatie
Als de nominale rente gelijk is aan de inflatie
Als er geen inflatie is
