wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Werkwoordspelling klas 2

Total questions: 23

Worksheet time: 26mins

Name
Class
Date
1.

Wanneer er meer dan één persoonsvorm in de zin staat, dan is deze zin...

a)

enkelvoudig

b)

samengesteld

2.

Hoeveel persoonsvormen staan er in de zin:

Sinds wanneer voel jij je niet fit?

a)

1

b)

2

c)

3

3.

Hoeveel persoonsvormen staan er in de zin:

Is het waar dat je vandaag een leuke jongen hebt ontmoet?

a)

1

b)

2

c)

3

4.

Wat is/zijn de persoonsvorm(en) in de volgende zin:

Vind je het ook zo vervelend dat hij beledigd wordt?

a)

vind

b)

vind + beledigd

c)

beledigd + wordt

d)

vind + wordt

5.

Hoeveel persoonsvormen staan er in de zin:

Meld jij je mentor straks even dat je later in de les komt, omdat je nog iets moet bespreken met een andere docent?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

6.

Wat is de juiste spelling?

Gisteren (lachen) hij alles weg, toen hij wist dat hij fout zat.

a)

lachte

b)

lachtte

c)

lachde

7.

Wat is de juiste spelling?

Mijn vriendin (beantwoorden) mijn berichtjes vaak binnen een minuut.

a)

beantwoort

b)

beantwoord

c)

beantwoordt

8.

Wat is de juiste spelling?

Vorige jaar zijn mijn zus en zwager naar Nieuw Zeeland (verhuizen).

a)

verhuist

b)

verhuizt

c)

verhuisd

d)

verhuizd

9.

Wat is de juiste spelling?

De jury van 'Heel Holland Bakt' (proeven) alle (bereiden) taarten.

a)

proefde + bereiden

b)

proefde + bereide

c)

proefte + bereide

d)

proefte + bereidde

10.

Wat is de juiste spelling?

De patiënt (ontbloten) zijn bovenarm, zodat hij gevaccineerd kon worden.

a)

ontbloot

b)

ontblootte

c)

onblote

d)

ontbloten

11.

Wat is de juiste spelling?

De (ontbloten) bovenarm voelde na de vaccinatie wat vreemd aan.

a)

ontbloten

b)

ontblootte

c)

ontblootten

d)

ontblote

12.

Wat is de juiste spelling?

(Fluiten) komen de leerlingen naar de les Nederlands.

a)

Fluitend

b)

Fluitendt

c)

Fluitent

13.

Wat is de juiste spelling?

Meneer Veldkamp was netjes (kleden) toen hij een lintje ontving.

a)

gekleedt

b)

gekleet

c)

gekleed

14.

Wat is de juiste spelling?

Meneer IJmker (houden) van Maltesers (chocolade), maar ik (vinden) een Mars lekkerder.

a)

houd + vind

b)

houdt + vind

c)

houd + vindt

d)

houdt + vindt

15.

Wat is de juiste spelling?

Mevrouw Veenstra gaf een (persen) sinaasappel aan haar (snotteren) dochtertje, omdat ze meer vitaminen binnen moest krijgen.

a)

geperste, snoterende

b)

geperstte, snotterende

c)

geperste, snotterende

d)

geperste, snoterenden

16.

Wat is de juiste spelling?

Hoewel de hond (blaffen) op haar af kwam rennen, liep ze rustig door.

a)

blaffend

b)

blaffent

c)

blaffendt

17.

Wat is de juiste spelling?

Mijn ouders hebben (beloven) dat ik vanavond iets later naar bed mag, omdat mijn gedrag positief is (veranderen).

a)

belooft + verandert

b)

beloofd + verandert

c)

belooft + veranderd

d)

beloofd + veranderd

18.

Wat is de juiste spelling?

Wanneer heb jij de uitnodigingen (mailen)?

a)

gemaild

b)

gemailt

19.

Wat is de juiste spelling?

Als hoeveelste (finishen) jij afgelopen weekend?

a)

finisht

b)

finishte

c)

finishtte

d)

finishde

20.

Wat is de juiste spelling?

Vroeger (crossen) mijn broertje en ik elk weekend op de crossbaan.

a)

crosste

b)

crossten

c)

crosten

d)

crosden

21.

Maak een zin van minimaal acht woorden waarin je het onderstaande werkwoord correct gebruikt.


gebeurd

4 lines
22.

Maak een zin van minimaal acht woorden waarin je het onderstaande werkwoord correct gebruikt.


chilt

4 lines
23.

Maak één(!) zin van minimaal acht woorden waarin je de onderstaande werkwoorden correct gebruikt.


vergrote + besteld

4 lines