Font size
WorksheetsWerkwoordspelling klas 2
Total questions: 23
Worksheet time: 26mins
Wanneer er meer dan één persoonsvorm in de zin staat, dan is deze zin...
enkelvoudig
samengesteld
Hoeveel persoonsvormen staan er in de zin:
Sinds wanneer voel jij je niet fit?
1
2
3
Hoeveel persoonsvormen staan er in de zin:
Is het waar dat je vandaag een leuke jongen hebt ontmoet?
1
2
3
Wat is/zijn de persoonsvorm(en) in de volgende zin:
Vind je het ook zo vervelend dat hij beledigd wordt?
vind
vind + beledigd
beledigd + wordt
vind + wordt
Hoeveel persoonsvormen staan er in de zin:
Meld jij je mentor straks even dat je later in de les komt, omdat je nog iets moet bespreken met een andere docent?
1
2
3
4
Wat is de juiste spelling?
Gisteren (lachen) hij alles weg, toen hij wist dat hij fout zat.
lachte
lachtte
lachde
Wat is de juiste spelling?
Mijn vriendin (beantwoorden) mijn berichtjes vaak binnen een minuut.
beantwoort
beantwoord
beantwoordt
Wat is de juiste spelling?
Vorige jaar zijn mijn zus en zwager naar Nieuw Zeeland (verhuizen).
verhuist
verhuizt
verhuisd
verhuizd
Wat is de juiste spelling?
De jury van 'Heel Holland Bakt' (proeven) alle (bereiden) taarten.
proefde + bereiden
proefde + bereide
proefte + bereide
proefte + bereidde
Wat is de juiste spelling?
De patiënt (ontbloten) zijn bovenarm, zodat hij gevaccineerd kon worden.
ontbloot
ontblootte
onblote
ontbloten
Wat is de juiste spelling?
De (ontbloten) bovenarm voelde na de vaccinatie wat vreemd aan.
ontbloten
ontblootte
ontblootten
ontblote
Wat is de juiste spelling?
(Fluiten) komen de leerlingen naar de les Nederlands.
Fluitend
Fluitendt
Fluitent
Wat is de juiste spelling?
Meneer Veldkamp was netjes (kleden) toen hij een lintje ontving.
gekleedt
gekleet
gekleed
Wat is de juiste spelling?
Meneer IJmker (houden) van Maltesers (chocolade), maar ik (vinden) een Mars lekkerder.
houd + vind
houdt + vind
houd + vindt
houdt + vindt
Wat is de juiste spelling?
Mevrouw Veenstra gaf een (persen) sinaasappel aan haar (snotteren) dochtertje, omdat ze meer vitaminen binnen moest krijgen.
geperste, snoterende
geperstte, snotterende
geperste, snotterende
geperste, snoterenden
Wat is de juiste spelling?
Hoewel de hond (blaffen) op haar af kwam rennen, liep ze rustig door.
blaffend
blaffent
blaffendt
Wat is de juiste spelling?
Mijn ouders hebben (beloven) dat ik vanavond iets later naar bed mag, omdat mijn gedrag positief is (veranderen).
belooft + verandert
beloofd + verandert
belooft + veranderd
beloofd + veranderd
Wat is de juiste spelling?
Wanneer heb jij de uitnodigingen (mailen)?
gemaild
gemailt
Wat is de juiste spelling?
Als hoeveelste (finishen) jij afgelopen weekend?
finisht
finishte
finishtte
finishde
Wat is de juiste spelling?
Vroeger (crossen) mijn broertje en ik elk weekend op de crossbaan.
crosste
crossten
crosten
crosden
Maak een zin van minimaal acht woorden waarin je het onderstaande werkwoord correct gebruikt.
gebeurd
Maak een zin van minimaal acht woorden waarin je het onderstaande werkwoord correct gebruikt.
chilt
Maak één(!) zin van minimaal acht woorden waarin je de onderstaande werkwoorden correct gebruikt.
vergrote + besteld
