wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Krachten toets Havo 3

Total questions: 17

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Hoeveel Newton geeft krachtmeter A aan? (geen eenheid invullen)

(a)  

2.

Hoeveel Newton geeft krachtmeter B aan? (geen eenheid invullen)

(a)  

3.

Hoeveel Newton geeft krachtmeter C aan? (geen eenheid invullen)

(a)  

4.

Wat is plastische vorming?

a)

Dat het object goed kan vervormen

b)

Dat het object slecht kan vervormen

5.

Wat is elastische vorming?

a)

Dat het object goed kan vervormen

b)

Dat het object slecht kan vervormen

6.

Bekijk de afbeelding. Welke twee krachten werken op het gewicht?

a)

Normaalkracht

b)

Spierkracht

c)

Zwaartekracht

d)

Spankracht

7.

Bekijk de afbeelding. Wat zijn de symbolen van de krachten die werken op het gewicht?

a)

Fn

b)

Fs

c)

Fz

d)

Fr

8.

Bekijk de afbeelding. De gewichtheffer tilt op het moment dat de foto gemaakt werd het gewicht omhoog. Welke kracht is het grootst?

a)

Normaalkracht

b)

Spierkracht

c)

Spankracht

d)

Zwaartekracht

9.

Een gezin is aan het touwtrekken. Paul (vader) en Inez (dochter) nemen het op tegen Martine (moeder) en Barry (zoon). Paul trekt met een kracht van 620 N, Martine met een kracht van 480 N en Inez met een kracht van 260 N.

Bereken de resultante van Paul en Inez.

a)

740 N

b)

880 N

c)

1000 N

d)

1100 N

10.

Een gezin is aan het touwtrekken. Paul (vader) en Inez (dochter) nemen het op tegen Martine (moeder) en Barry (zoon). Paul trekt met een kracht van 620 N, Martine met een kracht van 480 N en Inez met een kracht van 260 N.

Met hoeveel kracht moet Barry trekken om evenwicht te houden?

a)

400 N

b)

200 N

c)

300 N

d)

100 N

11.

Bekijk de afbeelding. Bereken de veerconstante. Zet de eenheid bij je antwoord!

C=F/u

(a)  

12.

Bekijk de afbeelding. Veer 2 is 2x zo sterk als veer 1. Hoe gaat veer 2 in de grafiek?

a)

Steiler (sneller omhoog)

b)

Vlakker (langzamer omhoog)

c)

hetzelfde

13.

Bekijk de afbeelding. De veer heeft een lengte van 50 cm als er geen gewicht aan hangt. Hoe lang is de veer als er een gewicht van 3N aan hangt? Zet de eenheid bij je antwoord!

(a)  

14.

Bekijk de afbeelding. Elk gewichtje weegt 1,0 N. Er mist 1 gewichtje. Op welke afstand moet deze geplaatst

a)

A

b)

B

c)

C

d)

D

e)

E

15.

Mr. Duijst heeft een massa 70kg. Bereken zijn gewicht. (rond af op hele getallen) Zet de eenheid bij je antwoord!

Fz=m*g

(a)  

16.

Janine haar gewicht is 500N. Bereken de massa van Janine. (rond af op hele getallen) Zet de eenheid bij je antwoord!

F=m*g

(a)  

17.

Een man van lego staat op de balk. Alles is nu in evenwicht.

Bereken de massa van de balk. Zet de eenheid bij je antwoord!

(a)