Font size
WorksheetsIk sta om zes uur op
Total questions: 20
Worksheet time: 15mins
Tom ..................... om zes uur ............ (opstaan)
(a)
Ik ......................... me ................... (aankleden)
(a)
In het weekend ........................... ik .............. (uitslapen)
(a)
Het kind ........................... zijn kamer ................ (opruimen)
(a)
Mijn vriendin .............................. het ontbijt .................. (klaarmaken)
(a)
[Vul een prepositie in]
U bent (a) harte welkom.
[Vul een prepositie in]
Wij kunnen beter niet samen (a) vakantie.
[Vul een prepositie in]
(a) de vakantie kun je zo veel doen!
[Vul een prepositie in]
Ik ontbijt graag (a) het terras.
[Vul een prepositie in]
Op zondag lopen wij (a) de markt.
...................... het ontbijt ga ik douchen.
na
naar
Wij gaan samen .......................... school.
na
naar
Ik ga ...................... het avondeten altijd slapen.
na
naar
Wie is er ................... mij aan de beurt?
na
naar
Ik ben ziek en moet ........................ de dokter.
na
naar
[Vertaal het woord]
toujours
soms
altijd
misschien
nooit
[Vertaal het woord]
jamais
niet
geen
nooit
niks
[Vertaal het woord]
parfois
precies
samen
vaak
soms
[Vertaal het woord]
souvent
af en toe
vaak
bijna
snel
[Vertaal het woord]
la plupart du temps
meestal
meteen
zichzelf
straks
