wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Havo/VWO 1 Biologie H6.1+ 6.2 + 6.3

Total questions: 41

Worksheet time: 26mins

Name
Class
Date
1.

organismen kunnen we indelen in vier grote groepen. Hoe heet de groep waar dit organisme behoort ?

(a)  

2.

in een ecosysteem zijn er biotische en abiotische invloeden. Wat is een goed voorbeeld van biotische invloeden?

a)

het weer

b)

een mangroveboom

c)

de temperatuur

d)

de hoeveelheid licht

3.

Wat is ook wel de bijnaam voor het mangrovebos?

a)

de voorraadschuur van de oceaan

b)

de schuilplaats in de zee

c)

de voedselbank van de zee

d)

de kraamkamer van de oceaan

4.

In welke biotoop/biotopen hoort dit organisme thuis?

a)

droog tropisch bos

b)

koraalrif

c)

mangrovebos

d)

salina

5.

organismen kunnen we indelen in vier grote groepen. Hoe heet de groep waar dit organisme behoort ?

(a)  

6.

In welke biotoop/biotopen hoort dit organisme thuis?

a)

mangroven

b)

koraalrif

c)

droog tropisch bos

d)

salina

7.

organismen kunnen we indelen in vier grote groepen. Hoe heet de groep waar dit organisme behoort ?

(a)  

8.

organismen kunnen we indelen in vier grote groepen. Hoe heet de groep waar dit organisme behoort ?

(a)  

9.

Je ziet hier een aantal diersoorten in een ecosysteem. Hoe noemen we dit?

a)

voedselketting

b)

voedselrij

c)

voedselweb

d)

voedselketen

10.

Je ziet hier een .......

a)

quiz matrix

b)

evoluatieschema

c)

detonatiematrix

d)

determinatietabel

11.

in een ecosysteem zijn er biotische en abiotische invloeden. Wat is een goed voorbeeld van abiotische invloeden?

a)

het zeegras

b)

een mangroveboom

c)

de regen

d)

een zeepaardje

12.

goede voorbeelden van biotische invloeden in de mangroven zijn:

a)

flamingo's

b)

mangrovebomen

c)

haaien

d)

kwalletjes

e)

water

13.

In welke biotoop/biotopen hoort dit organisme thuis?

a)

zeegrasvelden

b)

mangroven

c)

salina

d)

koraalrif

14.

Zeegras vinden we op Bonaire veel in Lac Bai. Wat is de functie van de zeegras in dit voedselweb?

a)

consument

b)

reducent

c)

producent

15.

Waaruit bestaat papegaaivissenpoep?

a)

zand

b)

koraal

c)

restjes van kreeftjes

d)

restjes plankton

16.

goede voorbeelden van abiotische invloeden in de mangroven zijn:

a)

flamingo's

b)

mangrovebomen

c)

temperatuur

d)

kwalletjes

e)

water

17.

een habitat is groter/ kleiner dan een biotoop

a)

groter

b)

kleiner

18.

Dit organisme behoort tot het

a)

plantenrijk

b)

dierenrijk

c)

schimmelrijk

d)

bacterierijk

19.

In welke taal wordt de wetenschappelijke naam van een organisme geschreven?

(a)  

20.

Dit organisme behoort tot het

a)

plantenrijk

b)

dierenrijk

c)

schimmelrijk

d)

bacterierijk

21.

Wat eet dit dier?

a)

koraal

b)

zeegras

c)

visjes

d)

patat

22.

Je ziet hier een voedselweb van de mangroven. Welke voedselketen zit hier in?

a)

mangrove leaves - mold - prawn - heron

b)

mold - small fish - prawn - heron

c)

mangrove leaves - bacteria - small fish - pelican

d)

snail - bacteria - small fish - pelican

23.

Je ziet hier een voedselweb. Welk organisme zorgt ervoor dat alles weer gerecycled wordt in de natuur?

a)

zeehonden

b)

bodemfauna

c)

fytoplankton

d)

bacterien

24.

De kanoet is een mooie vogel. Wat is de functie van de kanoet in dit voedselweb?

a)

consument

b)

reducent

c)

producent

25.

Dit organisme behoort tot het

a)

plantenrijk

b)

dierenrijk

c)

schimmelrijk

d)

bacterierijk

26.

Wat zijn voorbeelden van biotische invloeden op een leefgemeenschap?

a)

koraal en slakken

b)

planten en temperatuur

c)

licht en water

d)

roofvissen en zuurgraad

27.

Je ziet hier een mangrovenbos. Weke invloed heeft het een pelikaan op dit ecosysteem?

a)

biotisch

b)

abiotisch

28.

Welke biotoop op Bonaire wordt ook wel de 'kraamkamer van de oceaan' genoemd?

a)

de diepzee

b)

de mangroven

c)

de zeegrasvelden

d)

het koraalrif

29.

In welke biotoop/biotopen hoort dit organisme thuis?

a)

zeegrasvelden

b)

koraalrif

c)

mangroven

d)

salina

30.

Je ziet hier een mangrovenbos. Welke invloed heeft de watertemperatuur op dit ecosysteem?

a)

biotisch

b)

abiotisch

31.

een ander woord voor "biotoop" is

a)

bos

b)

oceaan

c)

leefgemeenschap

d)

ecosysteem

32.

Dit organisme behoort tot het

a)

plantenrijk

b)

dierenrijk

c)

schimmelrijk

d)

bacterierijk

33.

een ander woord voor "ecosysteem" is

a)

habitat

b)

natuurgebied

c)

leefgemeenschap

d)

tropisch bos

34.

Welke biotoop is dit?

a)

baai

b)

mangrove

c)

droog tropisch bos

d)

salina

35.

Wat zijn voorbeelden van abiotische invloeden op een ecosysteem?

a)

temperatuur en bodem

b)

licht en planten

c)

vogels en vissen

d)

reptielen en zonlicht

36.

Flamingo's in de salina's zijn

a)

producenten

b)

reducenten

c)

consumenten

37.

Soms leven er dieren in een biotoop die daar van nature niet thuis horen. Hoe heten dit soort dieren?

(a)  

38.

Wat is een ander woord voor leefgemeenschap?

(a)  

39.

Hoe heette de grondlegger van de wetenschappelijke namen die leefde in de 17e eeuw?

(a)  

40.

ik ben helemaal klaar voor de toetsweek!

a)

jazeker!

b)

nog een beetje leren....

c)

ik moet nog flink wat oefenen...

d)

toetsweek... wat is dat?

41.

Ik weet dat de onderwerpen van de toets op Teams en op Magister staan.

a)

ja

b)

nee