Font size
WorksheetsK4 Ecologie bs 1 t/m 6
Total questions: 79
Worksheet time: 46mins
Een beer is een...
alleseter
planteneter
vleeseter
Een konijn is een ...
planteneter
alleseter
vleeseter
Een leeuw is een....
planteneter
alleseter
vleeseter
Koolstofdioxide wordt omgezet in zuurstof door
planten
dieren
schimmels
bacteriën
Waarmee begint een voedselrelatie altijd?
Producent
Consument
Reducent
De kikker is een consument van de ... orde.
tweede
derde
beide bovenstaande antwoorden zijn juist
geen van bovenstaande antwoorden zijn juist
Reducenten zorgen voor?
De afbraak van organische stoffen in anorganische stoffen
Reductiedeling
Het verkleinen van een voedselketen
Planten
Wat is biomassa?
Massa van de levende organisme van de wereld
Massa van de levende organisme in een gebied
Massa van biologische brandstoffen
Massa van de biologische producten
Niet alle energie in een voedselketen wordt doorgegeven. Waar wordt per schakel energie 'verloren'?
verbranding
niet alles wordt opgegeten
deel van de organismes sterft voordat deze worden gegeten
Doordat sommige energie als reservestof wordt opgeslagen
Welke van de volgende stoffen zijn anorganisch?
Water
Koolstofdioxide
Glucose
Eiwitten
Welke van de volgende stoffen zijn organisch?
Dode resten van dieren
Mineralen
glucose
zuurstof
Wat doen reducenten?
Zetten organische stoffen om in anorganische stoffen
Zetten anorganische stoffen om in organische stoffen
M
Wat doen planten?
Zetten organische stoffen om in anorganische stoffen
Zetten anorganische stoffen om in organische stoffen
M
De onderstaande factoren bepalen hoeveel muizen in een gebied kunnen voorkomen. Welke van deze factoren zijn abiotische factoren?
Hoeveelheid regen er jaarlijks in een gebied valt
De boomsoorten die in het gebied voorkomen
Hoeveel roofvogels er in het gebied voorkomen
Hoeveel parasieten er in het gebied voorkomen
Leerling 1: alle abiotische factoren in een bepaald heidegebied.
Leerling 2: alle dieren die in Nederland leven, in samenhang met de plantengroei.
Leerling 3: alle eekhoorns in een loofbos, in samenhang met de bomen.
Leerling 4: alle organismen die in een bepaald meertje leven, in samenhang met de abiotische factoren.
In deze grafiek is een predator-prooirelatie weergegeven. Ook aan de hand van de y-assen kun je bepalen welke soort de prooi is. Welke van onderstaande beweringen hierover is juist?
Het aantal prooidieren per hectare is vrijwel altijd groter dan het aantal predatoren per hectare, dus de linker y-as moet bij de prooidieren horen
Het aantal predatoren per hectare is vrijwel altijd groter dan het aantal prooidieren per hectare, dus de rechter y-as moet bij de prooidieren horen
Welke abiotische factor is vooral verantwoordelijk voor het opschuiven van de verschillende vegetatiezones in de Andes?
De temperatuur in een gebied en de hoeveelheid zonlicht die in een gebied schijnt zijn voorbeelden van....
Biotische factoren
Draagkracht
Toleranties
Abiotische factoren
Het aantal individuen van een bepaalde soort die samen leven in een bepaald gebied, noemen we ook wel een...….
ecosysteem
populatie
samenleving
levensgemeenschap
Bij wat voor type dieren komt de volgende aanpassing vooral voor?
Gestroomlijnd lichaam
Landdieren
Waterdieren
Luchtdieren
Bij wat voor type dieren komt de volgende aanpassing vooral voor?
(meerdere antwoorden kunnen goed zijn)
Schutkleur
Landdieren
Waterdieren
Luchtdieren
Welke snavel is het beste om insecten te eten?
Kegelsnavel
Pincetsnavel
Priemsnavel
Haaksnavel
In de afbeelding zie je een voorbeeld van een plant die is aangepast aan een droge omgeving.
In de afbeelding zie je een voorbeeld van een plant die is aangepast aan een vochtige omgeving.
Waarvoor dienen de haren op bladeren van een plant?
Verdamping tegen te gaan
Minder aantrekkelijk zijn voor planteneters
Betere zaadverspreiding
Vaker geplukt worden
Op welke manier is de plant van de afbeelding aangepast aan zijn omgeving?
De plant heeft huidmondjes bovenop zitten
De plant heeft geen bladeren om verdamping tegen te gaan
De plant groeit vroeg in het voorjaar
De plant klimt omhoog om meer licht te vangen
Op welke manier is de plant van de afbeelding aangepast aan zijn omgeving?
De plant heeft huidmondjes bovenop zitten
De plant heeft geen bladeren om verdamping tegen te gaan
De plant groeit vroeg in het voorjaar
De plant klimt omhoog om meer licht te vangen
Op welke manier is de plant van de afbeelding aangepast aan zijn omgeving?
De plant heeft huidmondjes bovenop zitten
De plant heeft geen bladeren om verdamping tegen te gaan
De plant groeit vroeg in het voorjaar
De plant klimt omhoog om meer licht te vangen
In de afbeelding zie je een voorbeeld van een plant die is aangepast aan een droge omgeving.
Welke voedselketen is correct?
Haring -> krill -> algen
Buizerd -> veldmuis -> gras
lijsterbes -> merel -> vos
eik <- eekhoorn <- boommarter
Wat is de producent in deze voedselketen?
Gras -> sprinkhaan -> kikker -> slang
gras
sprinkhaan
kikker
slang
Wat is de consument 2e orde in de voedselketen?
Gras -> sprinkhaan -> kikker -> slang
gras
sprinkhaan
kikker
slang
Welke soort organismen zijn altijd producenten?
(a)
Waar of niet waar?
Bij een piramide van aantallen is de onderste laag altijd het grootst.
Waar
Niet waar
Waar of niet waar?
Bij een piramide van aantallen is de tweede laag (vanaf onder) vaak de ´grootste´ laag
Waar
Niet waar
Komt er door verbranding energie in de voedselketen of gaat er energie uit?
Komt energie in
Gaat energie uit
Waar of niet waar?
Door uitscheiding gaat er ook energie uit de voedselketen
Waar
Niet waar
