wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

wwspelling

Total questions: 18

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.
Welk werkwoord hoort in de zin?
Wij _________ door de straten.
a)
zwerfen
b)
zwerven
c)
zwerve
d)
zwerfe
2.
Welk werkwoord hoort in de zin?
Het jongetje ____________ over het internet.
a)
surft
b)
surfen
c)
surf
d)
surfd
3.
Welk werkwoord hoort in de zin?
Jari en Lisa __________ in het zwembad.
a)
drijven
b)
drijfen
c)
dreiven
d)
dreifen
4.
Welk werkwoord hoort in de zin?
Jari ___________ op een vlot.
a)
drijft
b)
drijvt
c)
dreivt
d)
dreift
5.
Welk werkwoord hoort in de zin?
Ik __________ je, vanmiddag krijg je echt een snoepje.
a)
beloof
b)
beloov
c)
belof
d)
beloov
6.

Jelle heeft een spannend avontuur (beleven)

a)

beleeft

b)

beleefd

c)

beleefdt

7.

Jitse (plakken, vt) de postzegels in het boek.

a)

plakte

b)

plakde

c)

plaktte

8.

Silke .........gisteren 50 euro onder haar vrienden.

a)

verlote

b)

verloot

c)

verlootte

9.

Sven heeft zich op Valentijnsdag .....voor zijn vriendin.

a)

uitgeslooft

b)

uitgesloofd

c)

slooft zich uit

10.

.......jij straks de kippenpootjes?

a)

braad

b)

braadde

c)

braadt

11.

Vorig jaar ........ Thomas in Nice een paar vrienden.

a)

ontmoet

b)

ontmoeten

c)

ontmoette

12.

De dokter ...de ziekte nu met een medicijn.

a)

bestrijdt

b)

bestrijd

c)

bestreed

13.

Laatst werd Roemer.... door een agent.

a)

bekeuren

b)

bekeurt

c)

bekeurd

14.

Het nieuwe programma kan op mijn computer niet worden ...

a)

geopent

b)

geopend

c)

geopendt

15.

“Het (worden) je vanzelf wel duidelijk”, zei de directeur tegen mij.

a)

word

b)

wort

c)

wordt

16.

Hoeveel dat allemaal moest (kosten), was gisteren nog niet bekend.

a)

kosten

b)

kostten

17.

Vul in.


De leerstof ... (worden) straks herhaald.

(a)  

18.

Zij beantwoor... alle vragen op de juiste manier.

a)

beantwoordt

b)

beantwoord

c)

beantwoort