NEW
Font size
WorksheetsWoordenschat en spelling 2de leerjaar - DEEL 1
Total questions: 15
Worksheet time: 8mins
Welke woorden hebben een lange klank?
zoon en zon
vuur en zoon
man en dus
gaat en net
Welk woord hoort niet in de rij:
er - de - een - zee - me
zee
een
de
er
Vul de juiste letters in:
h_t n_t is kapot.
e - e
ee - ee
e - ee
ee - e
Geef de juiste vorm van "staan".
Hij _______ op een stoel.
stat
sta
staan
staat
Welke woorden zijn correct geschreven?
spok en stur
spook en knaal
spook en steen
sten en stur
Vul de juiste woorden in:
Ik _______ de _______ in mijn zak.
steek / smal
speel / snoep
steek / snoep
stek / spin
Het gaatje van je spaarpot is een _______.
groep
gleuf
zweet
brief
Vul het juiste woord in:
Zoveel auto's en mensen, het is hier _________.
plus
druk
slim
zwaar
Een mooie grote witte vogel op het water.
een dwaas
een zwaan
een vlees
een fles
Welke woorden zijn dieren?
muis en fruit
muis en uil
tuin en snuit
uil en spuit
Vul de juiste letters in.
De kl__r van de fl__t is br__n.
eu - eu - eu
ui - ui - ui
eu - ui - ui
eu - ui - eu
Als je niet graag werkt, dan ben je _____
lui
uil
ruim
vuil
Welke woorden zijn juist geschreven?
beir en klei
bier en tein
tien en geit
wie en deip
Vul de juiste letter is.
Ik z__ een mooi pl__n.
ie - ie
ei - ei
ei - ie
ie - ei
Welk woord hoort niet thuis in de rij?
wei - mei - zei - wie
wei
zei
wie
mei
